Vorige week heeft Turkije militaire inspanningen tegen de Koerden in het noorden van Syrië ingezet. De Koerden zijn echter een bondgenoot van de VS in de regio en hun inspanningen tegen islamistische terreurgroep IS speelden een grote rol. De Amerikaanse minister van Defensie James Mattis roept NAVO-lidstaat Turkije nu op om “terughoudendheid” te tonen in het Syrische conflict. Maar Turkije ziet de Koerdische milities in de regio als een bedreiging en beweert dat ze gelinkt zijn aan de Turks-Koerdische rebellengroep PKK, met wie de Turkse staat in een gewapende strijd is verwikkeld.

Oud-generaal en de huidige Amerikaans Defensieminister James Mattis riep Turkije vandaag op om terughoudendheid te gebruiken in hun interventies in Syrië tegen Koerdische milities. Turkije is recentelijk begonnen aan een operatie tegen de Koerdische aanwezigheid in Afrin, een plaats in het noorden van Syrië. “Het geweld in Afrin verstoort wat voorheen een relatief stabiel gebied was in Syrië en leidt de internationale inspanning om IS te verslaan af”zo zei Mattis tijdens zijn huidige rondreis in Azië. “We dringen bij Turkije er op aan om terughoudendheid uit te oefenen in hun militaire acties en retoriek”.

Meer en meer spanning tussen Turkije en Westen

De VS waarschuwde Turkije al eerder. “Wij vragen aan Turkije om terughoudendheid uit te oefenen en ervoor te zorgen dat de militaire operaties beperkt in omvang en duur blijven en nauwgezet uitgevoerd worden om burgerslachtoffers te voorkomen”, zo zei Heather Nauert, woordvoerster van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, nog zondag in een verklaring.

Turkije informeerde zijn formele NAVO-bondgenoot alvorens de campagne in Afrin, maar desondanks benoemt de VS de operatie nu opnieuw als destabiliserend. Al sinds afgelopen zomer raken Amerikaanse troepen in Syrië geregeld betrokken in schermutselingen met milities verbonden aan Turkije. Dit werd vrijdag tevens nog eens herhaald door de Amerikaanse overheid.

Sinds de gefaalde coup in Turkije in de zomer van 2016 groeien de spanningen tussen het Westen en Turkije gestaag. Turkije neemt het de VS kwalijk dat het Fethullah Gülen, de dissident die volgens Turks president Recep Erdogan achter de couppoging in 2016 zat, laat verblijven in de VS en weigert uit te leveren.

Maar ook bredere internationale fricties spelen mee. Tot de dag van vandaag is Turkije lid van de NAVO, het Amerikaans-gedomineerd trans-Atlantisch militair bondgenootschap. De Turken ondermijnen bepaalde NAVO-inspanningen echter. Zo belemmerde Turkije vorig jaar nog de Oostenrijkse deelname aan bepaalde NAVO-partnerschapsakkoorden. Dit na een dispuut over verhinderde propagandabezoeken van Turkse politici in West-Europa in functie van het Turkse grondwetsreferendum vorig jaar. Erdogan won in april vorig jaar dit referendum en verkreeg hierdoor meer macht. En in Syrië spelen tegenstrijdige belangen en visie goeie relaties tussen de VS en Turkije parten.

Afrin

Zaterdag startte het Turkse leger ‘Operatie Olijftak’. Turkije zette het offensief in met hevige artilleriebombardementen en luchtaanvallen op de Syrisch-Koerdische YPG-milities. Volgens Turkije is het Vrije Syrische Leger op het terrein ook betrokken bij de gevechten, aan de kant van Turkije. De aanvallen volgden na wekenlange waarschuwingen van president Erdogan en zijn ministers tegen de YPG in Syrië. Turkije beschouwt de YPG als verbonden aan de omstreden Koerdische Arbeiderspartij (PKK). Ankara vreest voor de oprichting van een autonome Koerdische staat aan de Turkse zuidgrens met Syrië.

In een verklaring communiceerde het Turkse leger dat het de operatie in Afrin was begonnen om de grens van Turkije veilig te stellen en “terroristen te verbannen […] en vrienden en broeders, de mensen in de regio, te redden van hun wreedheid”.

2 REACTIES

  1. “Wij dringen er bij Turkije op aan op terughoudendheid en ervoor te zorgen dat de militaire operaties beperkt blijven in omvang en duur en nauwgezet zijn om burgerslachtoffers te voorkomen,” zei de woordvoerster van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, Heather Nauert. Turkije heeft de Verenigde Staten geadviseerd voordat ze actie ondernamen, zei de Amerikaanse minister van Defensie Jim Mattis op zondag en voegde eraan toe: “We zullen dit oplossen.”

    Turkije was bijzonder verontwaardigd door een aankondiging dat de VS van plan waren om 30.000 personeelsleden op te leiden in delen van Noordoost-Syrië onder de controle van de YPG-geleide Syrische Democratische Krachten.

    Door Turkije gesteunde rebellengroeperingen in het vrije Syrische leger veroverden een Koerdisch dorp zonder tegenstand en ruimden landmijnen op, zei een Turkse functionaris.

    Ongeveer 25.000 rebellen nemen deel aan de operatie met het doel om bijna twee jaar geleden door de YPG in beslag genomen Arabische steden en dorpen te heroveren, zei een rebellencommandant.

    Majoor Yasser Abdul Rahim zei dat de rebellen niet proberen om de voornamelijk Koerdische stad Afrin binnen te gaan, maar het te omsingelen en de YPG, die het bestuurt, te verdrijven.

    “Alle grondaanvallen van het Turkse leger tegen Afrin zijn tot nu toe afgeweerd en ze zijn gedwongen zich terug te trekken,” zei Nouri Mahmoudi, een YPG-official. Sinds de ochtend hebben de strijders beschietingen uitgewisseld en botsen langs verschillende frontlinies rond Afrin, zei hij. In de regio Afrin onder aanvallen van Turkse troepen wonen volgens de Associated Press minstens 800.000 burgers, waaronder vluchtelingen uit de Syrische burgeroorlog.

    De Franse minister van Buitenlandse Zaken, minister van Buitenlandse Zaken Jean-Yves Le Drian, riep op tot een spoedvergadering van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, met een berisping van zijn Turkse tegenhanger Mevlut Cavusoglu op grond van het feit dat een dergelijke stap zou neerkomen op steun voor het terrorisme.

    Rusland, dat de Syrische president Bashar al-Assad steunt in de burgeroorlog, zal in de VN eisen dat Turkije de operatie stopzet. Syrië, Egypte en Iran hebben de aanslag van Turkije veroordeeld.