In zijn 174ste jaarboek plaatst het Rekenhof ernstige vragen bij het financiële beheer van de Belgische deelname aan de wereldtentoonstelling in Milaan van 2015. Zo liet men onder meer voor 35.850 euro aan chocolade bederven. Ook voor de naleving van de wet op de overheidsopdrachten en de boeking van de ontvangsten en uitgaven is het Rekenhof kritisch in zijn nieuwe ‘blunderboek‘. 

Dat een Belgische deelname aan een wereldtentoonstelling zelden een toonbeeld is van financiële prudentie, bewezen de Expo’s in Shanghai (2010) en Yeosu (2012) al. Om die reden besloot het Rekenhof om het beheer van de laatste Wereldtentoonstelling in Milaan eens tegen het licht te houden. Doch, het eerste probleem werd meteen merkbaar: verantwoordingsstukken voor de verrichtingen die gebeurde via Italiaanse bankrekeningen kon het Belgische Commissariaat-generaal niet voorleggen. Nochtans dient deze instelling, met aan het hoofd gewezen CD&V-minister Leo Delcroix, de organisatie in goede banen te leiden.

Welk intern toezicht?

Buiten de afwezigheid van verschillende verantwoordingsdocumenten, schrijft het Rekenhof dat de registratie van de inkomsten en uitgaven niet voldoet “aan [de] elementaire regels van volledigheid en betrouwbaarheid”. Van intern toezicht op de financiële wandel van het commissariaat was er volgens het Rekenhof eveneens geen sprake. Zo berustten tal van verbintenissen volgens de controle-instantie op verschillende mondelinge overeenkomsten.

Wat eveneens opmerkelijk is, is dat er ‘weinig’ moeite werd gedaan om het gebruikte materieel en meubilair van de expo aan de meest voordelige prijs te verkopen. Zo werden er noch maatregelen genomen om de verkoop hiervan aan te kondigen noch organiseerde men opbiedingen.

Voor 35.000 euro chocolade laten bederven

Hiernaast respecteerde het commissariaat de regels omtrent overheidsopdrachten niet. Zo werd er – op de bouw van het paviljoen na – geen enkele overheidsopdracht geplaatst om medecontractanten te selecteren. Wie echter dacht dat de bouw van het paviljoen feilloos verliep, is eraan voor de moeite. Zo werd de verplichting om een advies aan de Inspectie van Financiën te vragen, niet opgevolgd.

De organisatie vertoonde echter nog andere mankementen. De chocolade bijvoorbeeld, die de organisatie had aangekocht, kon niet meer worden verkocht omdat deze niet op een geschikte plaats werd bewaard. Het gevolg: de organisatie liet voor 35.000 euro chocolade bederven. Al deze problemen wijt het commissariaat aan het gebrek aan kennis en kunde van de aangestelde consultants en het gebrek aan professionele logistieke ondersteuning.