Bart De Wever, voorzitter van N-VA, was gisteren te gast bij QMusic. In dat interview gaf de burgemeester van Antwerpen te kennen dat hij zo’n 7.000 euro netto per maand verdient. Maar dat bedrag blijkt niet volledig te zijn. De Wever geniet ook nog een voorzittersloon, hetgeen buiten beschouwing werd gelaten bij QMusic. “In totaal – publieke mandaten en voorzittersloon samen – kan je stellen dat [De Wevers inkomen] het niveau van een ministerwedde benadert”.

“Bart De wever had het in de blog op QMusic duidelijk enkel over zijn inkomsten uit publieke mandaten”, aldus N-VA-woordvoerder Xavier Lesenne. Maar Bart De Wever “krijgt inderdaad ook een bezoldiging als voorzitter. In totaal – publieke mandaten en voorzittersloon samen – kan je stellen dat [De Wevers inkomen] het niveau van een ministerwedde benadert”. Een gemiddeld nettoloon van een minister onder premier Charles Michel (MR) bedraagt rond de 10.500 euro per maand. Dat is 3.500 euro meer dan het bedrag aangegeven door De Wever in QMusic.

Wat is fair?

Dat De Wever netto meer verdient dan 7.000 euro zei hij ook al met zoveel woorden eerder dit jaar. “All-in verdien ik evenveel als een federaal minister”, liet De Wever weten aan Het Laatste Nieuws in februari. “Maar als de krant me dat vraagt, zou ik als abonnee willen dat jullie consequent zijn. Gaan jullie publiceren hoeveel de bestuurders, het management en de hoofdredactie verdienen?” Aanleiding van die uiting waren bepaalde uitspraken verricht door Groen-fractieleider Kristof Calvo. Calvo zei toen dat het parlementsloon van De Wever geldverspilling is.

Maar de N-VA-voorzitter is van mening dat hij voor de grote verantwoordelijkheden die hij opneemt en zijn vele werkuren, een “goed, maar fair loon” krijgt, zo liet De Wever horen op radiozender QMusic gisteren. “Een behoorlijke beloning is belangrijk, want anders wordt het venster naar corruptie opengedaan”.

“Fair vergt referentiepunten”, zo licht politicoloog Carl Devos (UGent) echter toe aan SCEPTR. “En benchmarking (het gebruiken van ijkingskaders in functie van kwaliteitsbewaking, red.) doen ze hier bij ons niet. Maar er is wel een ongeschreven wet die bij veel partijen geldt dat de voorzitter wordt vergoed op niveau van een minister. Dat is de gang van zaken omdat in een particratie zoals de onze een partijvoorzitter evenveel politieke verantwoordelijkheid draagt als een minister. De partijen beslissen immers over wie minister wordt, dus het is niet onlogisch dat voorzitters ook een vergoeding krijgen van dat niveau“.

Machtige voorzitters

De Vos wijst er ook op dat het de partijen zijn die over de meest fundamentele politieke kwesties beslissen, waardoor partijvoorzitters in België misschien wel tot boven het niveau van ministers gerekend kunnen worden. “Denk maar aan het ‘Kumbaya-moment‘ van CD&V-voorzitter Wouter Beke en Bart De Wever”, zo illustreert Devos. Maar met hoge verantwoordelijkheid, komt veel werk en druk. Bij slechte kiesresultaten staan voorzitters dan ook in het oog van de storm.

Het ‘Kumbaya-moment’ waar De Vos naar verwijst betreft een persverklaring uit april waarin de CD&V en de N-VA hun engagement ten opzichte van de regering onderstreepten. Dit kwam er na heel wat gekibbel rond de CD&V-kritische uitspraken van staatssecretaris voor Gelijke Kansen Zuhal Demir (N-VA).

Vacature.com tekent op dat het gebruik – om het loon van een partijvoorzitter aan te vullen tot dat van een minister – voorkomt bij sp.a, CD&V en Open Vld. Groen is de uitzondering op die regel en Vlaams Belang betaalt haar voorzitter evenveel als het best verdienende partijlid. Bij Open Vld, sp.a, CD&V en Vlaams Belang staan voorzitters echter wel een klein deel van hun loon af aan de partijkas. Er dient hierbij tevens opgemerkt te worden dat Open Vld-voorzitster Gwendolyn Rutten en sp.a-voorzitter John Crombez op deze manier het meest kosten aan hun partij gezien zij geen parlementair mandaat (en salaris) hebben.