The Hill rapporteert dat de Amerikaanse regering van oud-president Barrack Obama (Dem.) een omstreden akkoord gesloten had met Rusland waarbij een groot deel van het Amerikaanse uranium in Russische handen kwam. Dit terwijl de FBI aanzienlijke bewijzen had verzameld waaruit bleek dat Russische vertegenwoordigers van nucleaire bedrijven zich inlieten met omkoping, afpersing en witwaspraktijken met als doel de Russische kernindustrie binnen de VS uit te bouwen. Volgens het onderzoek ging er ook geld naar de liefdadigheidsinstelling van de Clintons.

Dit nieuws ligt zeer gevoelig omdat dergelijke Russische bedrijven de facto gecontroleerd worden door Russisch president Vladimir Poetin en de belangen van de Russische staat dienen, eerder dan louter spelers op de vrije markt te zijn.

De FBI werkte met een geheime getuige binnen de Russische kernindustrie om de financiële rapporten te verzamelen, geheime opnames te maken en e-mails te onderscheppen vanaf 2009. Die toonden aan dat Moskou onder meer een Amerikaans bedrijf had omgekocht. Ze verzamelden ook bewijs dat in die periode miljoenen dollars vanuit de Russische kernindustrie stroomden naar de liefdadigheidsinstelling van voormalig president Bill Clinton (Dem.). Pikant detail: In die periode was Bills echtgenote, Hillary Clinton (Dem.), Amerikaans minister van Buitenlandse Zaken. In die hoedanigheid gaf ze haar fiat over de beslissing om de uranium te verkopen aan de Russen. De frauduleuze praktijken werden uitgevoerd met instemming van hooggeplaatste figuren in Rusland die ook deelden in de winst van de omkopingen, aldus een FBI-agent.

Publiek niet op de hoogte

Echter, na al dat bewijs verzameld te hebben diende het Amerikaans ministerie van Justitie geen klacht in, maar bleef het vier jaar lang verder onderzoeken terwijl het Amerikaans publiek noch het Congres op de hoogte waren van de corrupte praktijken in de kernenergiesector. Dit gebeurde in een periode waarbij de regering van Obama twee belangrijke beslissingen nam ten voordele van de Russische commerciële nucleaire ambities.

De eerste beslissing gebeurde in oktober 2010 toen Buitenlandse Zaken en de Amerikaanse commissie voor buitenlandse investeringen unaniem de goedkeuring gaven aan een overname van een Canadees bedrijf dat uranium opgraaft voor de Russische nucleaire reus Rosatom, hierdoor kreeg Moskou meer dan 20 procent van het Amerikaanse uranium in handen. Deze verkoop werd door huidig president Donald Trump (Rep.) stevig bekritiseerd tijdens de verkiezingscampagne vorig jaar. Clinton liet toen weten dat ze niet betrokken was in het comité en ze nooit tussenkwam in de beslissing.

In 2011 gaf de Amerikaanse overheid de goedkeuring aan Tenex, een dochterbedrijf van Rosatom om commercieel uranium aan Amerikaanse kerncentrales te verkopen. Voordien werd Tenex verhinderd om aan aantal dingen te doen. Het kon zo enkel uranium verkopen dat afkomstig was uit ontmantelde nucleaire wapens uit het sovjettijdperk. “De Russen waren Amerikaanse aannemers in de kernenergiesector aan het compromitteren met omkoping en afpersing, dit riep vragen op rond de nationale veiligheid van Amerika. Geen hiervan werden gesteld voordat de regering van Obama de beslissingen nam“, aldus een FBI-agent die aan de zaak werkte en anoniem wilde blijven uit vrees voor represailles.

Omstreden beslissingen rond de Clintons

De beslissing van de vorige Amerikaanse regering om de goedkeuring te geven aan de aankoop van Amerikaans uranium door Rosatom is altijd omstreden geweest. De meest bekende aanklager van deze beslissing was Peter Schweitzer die in zijn boek, de bestseller ‘Clinton Cash’, de enorme Russische geldstromen naar de Clintons in kaart bracht.

Obama en de Clintons verdedigde hun acties door te benadrukken dat er geen bewijs was dat er Russen of donors van ‘The Clinton Foundation’ iets verkeerd hadden gedaan en er geen redenen omtrent nationale veiligheid waren om tegen het akkoord te zijn.

Maar de documenten van de FBI, het departement van energie en de rechtbank tonen aan dat er wel degelijk tastbaar bewijs hiervoor was, nog alvorens de beslissing werd genomen. Ze bewijzen dat Vadim Mikerin, de hoofdfiguur in de uitbreiding van Ruslands nucleaire ambities in de VS, zich inliet met louche zaken al zo vroeg als 2009. In die periode was Eric Holder (Dem.) Amerikaans minister van Justitie. Het is niet geweten of de FBI of het ministerie van Justitie de leden van het comité hebben gecontacteerd om ze op de hoogte te brengen van de blootgelegde corruptie. Holder noch Clinton wensten te reageren tegenover The Hill.

Mikerin was de directeur van Tenex in Moskou waar hij toezicht hield op de intrede op de Amerikaanse markt onder het ‘megaton naar megawatt-programma’. Tussen 2009 en 2012 liet hij “willens en wetens in met afpersing”, aldus een aanklacht in 2014.

Zijn illegaal gedrag werd vastgesteld met behulp van een geheime getuige, een Amerikaanse zakenman die afbetalingen in de omkoping betaalde onder de supervisie van Mikerin en met instemming van de FBI. De eerste corrupte betaling vond plaats in november 2009. Volgens de FBI maakte Mikerin zich schuldig aan een georganiseerde misdaad via onder meer afpersing, omkoping, witwassen van geld en zogenaamde ‘kickbacks’. Dit alles in zou in opdracht moeten geweest zijn en ten voordele van hooggeplaatste figuren in Rusland.

Bekende namen

Het onderzoek stond onder het toezicht van Rod Rosenstein, de huidige vice-minister van Justitie en Andrew McCabe, nu de onderdirecteur van de FBI. Beide heren hebben ook een belangrijke rol in het onderzoek naar de mogelijke, maar nog steeds onbewezen, samenwerking tussen Rusland en het campagneteam van Donald Trump in de presidentsverkiezingen van 2016.

Robert Mueller was op dat moment ook nog het hoofd van de FBI, terwijl die nu het onderzoek leidt naar de vermeende samenwerking tussen de campagne van Trump en Rusland, ook wel gekend als ‘#Russiagate’.

Weinig ruchtbaarheid

Hoewel het onderzoek een nieuw Russisch witwasapparaat met financiële takken in Cyprus, Letland en de Seychellen blootlegde en ook een inbreuk in de nationale veiligheid omvatte gaf de FBI opvallend weinig ruchtbaarheid aan de zaak. De enige publieke verklaringen gebeurden pas in 2015 via een weinig opgemerkt persbericht waarbij bekend werd gemaakt dat de beklaagden een schikking hadden aanvaard. Tegen die tijd werden de aanklachten tegen Mikerin verengd tot een simpele aanklacht voor witwassen tussen 2004 en 2014.

Er werd in de finale rechtsdocumenten geen vermelding gemaakt van de opgenomen gesprekken door de FBI-informant over hoe Russische vertegenwoordigers zichzelf op een goed blaadje wilden zetten bij de Clintons, dit terwijl bewezen was dat miljoenen dollars stroomden naar een Amerikaanse partner die op zijn beurt grote donaties deed aan de stichting van Bill Clinton.

Door het gebrek aan ruchtbaarheid aan de zaak waren vele sleutelfiguren niet op de hoogte van de corruptie met mogelijke gevolgen voor de nationale veiligheid. Ronald Hosko, die de leiding gaf over criminele zaken bij de FBI, zegt niet eens op de hoogte te zijn geweest van de zaak. Ook politici die in de betrokken parlementaire commissies zaten, waren niet op de hoogte van de corruptiezaak. Nochtans waren er al veel vraagtekens over de zogenaamde ‘Uranium One deal’.

De toenmalige voorzitter van de commissie veiligheidsdiensten in de VS, Mike Roger (Rep.), zegt dat “het niet doorgeven van deze informatie door de geheime diensten voordat de uranium-deal goedgekeurd was Amerikaanse veiligheidsbelangen heeft ondermijnd“. Hij vervolgt: “De Russische inspanningen om onze Amerikaans politieke onderneming te manipuleren zijn adembenemend.”

Verwacht wordt dat door de nieuwe onthullingen de beslissing van de vorige regering en de rol van de Clintons opnieuw erg kritisch tegen het licht gehouden zal worden.

  • Stapper

    Opnieuw de stank van corruptie rond de Clintons. Maar gelukkig geen bewijs tegen deze goede mensen.