Het migratiebeleid komt sinds lang neer op een stop-and-gobeleid. Een langetermijnstrategie is er niet. Een samenhang met de economische cyclus wel: gaat het beter, dan is er meer nonchalance, gaat het minder, dan zijn er strengere immigratiebeperkingen. Bij een kortetermijntekort aan arbeidskrachten werden uit opportunisme al snel ‘tijdelijke’ gastarbeiders onthaald. De daaropvolgende aanscherping van beperkingen steunde al evenmin op het doordenken van de impact van migratie of op een diep moreel standpunt. 

Het opeenvolgend versoepelen en versterken van de migratieregels in de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Australië lag helemaal in lijn met de economische cycli tussen de jaren 60 en 90 in die landen. Vandaag worden we door de nieuwe strapatsen rond het gerechtelijk onderzoek naar de Bende van Nijvel herinnerd aan het feit dat ons land in de jaren 80 een diepe crisis doormaakte. In 1974 werd reeds een migratiestop afgekondigd. In 1981 voerden de Franstalige liberalen een anti-migratiecampagne waarna ze werden opgenomen in de regering Martens V. Met deze vijfde regering onder Martens werd de gezinshereniging ingeperkt en kregen burgemeesters de mogelijkheid om niet-Belgen niet langer in te schrijven.

Mensenstromen

Migratie is allesbehalve perfect te voorspellen, en al zeker niet de omvang. Zo leidde de uitbreiding van de Europese Unie naar het oosten tot de discussie over hoeveel mensenstromen ze op gang zou brengen. In het Verenigd Koninkrijk schatten ze dat erg laag in en kozen ze voor een opendeurpolitiek. Dat in tegenstelling tot de meeste West-Europese landen, die wel restricties toepasten. De Britten schatten de verwachte instroom op 13.000 Oost-Europeanen. De werkelijke immigratie bedroeg in enkele jaren tijd ongeveer 1 miljoen. We weten allemaal wat dat bij de Britten heeft gedaan met het draagvlak voor open beleid.

Uit schrik extreme partijen in de kaart te spelen vermeden de meeste politici het onderwerp vele jaren angstvallig, terwijl het migratiebeleid bij de kiezers wel omhoogschoot op hun ranglijst van beleidsprioriteiten. De houding van links, grotendeels pro-migratie, leek te zijn: ‘Bagatelliseer de kwestie, laat zoveel immigratie toe dat we met dat aantal weg kunnen komen en verkondig dat dit goed is voor de groei.’ De houding van veel rechtse partijen in Europa, die vaak kritischer tegenover migratie stonden, leek te zijn: ‘Doe uitschijnen dat je eigenlijk wel tegen massamigratie bent, maar wees niet te expliciet om te voorkomen dat je met extreme partijen wordt geassocieerd.’

Integratiesnelheid

Nochtans dringt een beleidsvisie zich op. Onderzoek leert dat beleidskeuzes de integratiesnelheid wel degelijk beïnvloeden. Integratie verloopt trager bij een zogenaamd multicultureel beleid. Mensen zijn geen goederen maar dragers van cultuur, normen en waarden. Multicultureel beleid heeft meetbare effecten. Zo zijn migranten nogal eens minder vaardig in de taal van het gastland. Volgens onderzoekers zijn een inbedding in het sociaal weefsel en taal een belangrijk voor een functionele maatschappij. Duitsland behandelde zijn Turkse immigranten aanvankelijk als tijdelijke gastarbeiders en adopteerde vervolgens een strategie van multiculturalisme. Vandaag zit men met de handen in het haar inzake zowel de integratie van de eerste als de tweede generatie in de Duitse gemeenschap. Bondskanselier Merkel verwees hiernaar toen zij onlangs het multiculturalisme beschreef als ‘één grote mislukking’.

De Amerikaanse onderzoeker Robert Putnam toonde aan dat immigratie het sociale kapitaal van de autochtone bevolking dreigt te verminderen. Op het niveau van individuele gemeenschappen wordt het des te uitgesprokener naarmate het aandeel immigranten groter is. Natuurlijk is het in het oog springende aspect van etniciteit niet genetisch, maar cultureel: verschillende etniciteiten staan voor verschillende culturele identiteiten. Het paradoxale is dat de Europese samenlevingen met hun grote zorg voor elkaar meer risico lopen dan de duidelijk kleinere zorg voor elkaar in de Verenigde Staten. Zorg voor elkaar werkt als bron voor vertrouwen, dat op zijn beurt coöperatie bevordert (1). Onderzoekers beschouwen een gemeenschappelijke identiteit als een belangrijk draagvlak voor de coöperatie die nodig is om voor een welvarende maatschappij. In die zin zou het opgeven van een nationale identiteit een kost met zich mee kunnen brengen.

Identiteit

De identiteit die mensen aannemen, is van belang voor hun gedrag: veel mensen ontlenen een deel van hun identiteit aan het kopiëren van stereotiep gedrag uit hun cultuur.  Onderzoekers hebben zo gekeken naar de mate waarin Spaanstalige immigranten naar Amerika bereid waren om coöperatief bij te dragen aan openbare voorzieningen. Het onderzoek was zo opgezet dat het verschillen onthulde in de manier waarop immigranten zowel hun eigen identiteit als hun mate van uitsluiting van de omringende samenleving zagen. Een nieuw aspect aan dit onderzoek was dat behalve de gebruikelijke laboratoriumspelen die ontworpen zijn om houdingen tegenover anderen te bestuderen, ook reële buurtvoorzieningen in het onderzoek waren opgenomen, zoals de plaatselijke gezondheidszorg en lokale onderwijsvoorzieningen. De onderzoekers vonden sterke aanwijzingen dat de manier waarop migranten zichzelf zien, van invloed is op hun bereidheid tot coöperatie en het bijdragen aan openbare voorzieningen. Naarmate migranten zich zelf minder als Amerikaan beschouwden, hielden ze zich meer afzijdig. Een praktische conclusie van het onderzoek was dat de beheersing van het Engels van belang was: als thuis Engels gesproken werd, was het gevoel Amerikaan te zijn sterker. In Amerika nemen immigranten de Amerikaanse identiteit dan nog gemakkelijker over dan in Europa, waar de weerstand om de nationale identiteit aan te nemen juist groter schijnt te worden. Een redelijke veronderstelling is dat immigranten in Europa het heersende niveau van vertrouwen minder snel overnemen dan in Amerika.

Gezien hun zeer verschillende migratiegeschiedenis is het niet verrassend dat de Europese landen meer onderlinge cohesie vertonen dan de Verenigde Staten, en hun normen weerspiegelen die grotere cohesie. Bovendien zijn de Verenigde Staten veel succesvoller geweest in het laten integreren van migranten dan Europa. Diversiteit hangt niet alleen af van aantallen, maar ook van culturele afstand tussen immigranten en autochtone bevolking. Dat de cultuurkloof een rol speelt, blijkt ook uit onderzoek waarbij de culturele afstand gemeten wordt door middel van een stamboom van talen.

Een uitgebreider stelsel van sociale uitkeringen remt op haar beurt de integratie af. Zelfs het bescheiden inkomen van een bijstandsuitkering lijkt velen aantrekkelijk, en dus is de motivatie zwakker om het inkomen te verhogen door een baan te zoeken. De combinatie van multiculturalisme en genereuze bijstandsuitkeringen vertragen de integratie thuis en op het werk. Hoe het beleid staat tegenover bepaalde gedragingen van immigranten, is allesbehalve onschuldig. De onderzoeker Robert Putnam heeft ook aangetoond dat het sociaal netwerk van de doorsneemigrant ondanks zijn ontworteling vaak hechter is dan dat van de doorsnee-autochtoon. Die laatste heeft steeds vaker minder hechte netwerken.

Kiezers

Hoe het beleid tegenover bepaalde gedragingen van immigranten – zoals het dragen van een sluier in de openbare ruimte – staat, is allesbehalve onschuldig. In Frankrijk vindt zowel links als rechts het dragen van de sluier onverenigbaar met het ideaal van broederschap. Het dreigt nieuwkomers in die visie nog meer op te sluiten in hun eigen netwerken. Het kiessysteem bepaalt in sterke mate hoe groot de rol van migratie in het politieke debat is. In heel wat landen woog de onrust van het brede publiek over dit thema lang niet door omdat ‘extreme’ stemmen konden worden genegeerd. Dat heeft echter vaak ook een gezond debat over immigratiebeleid verhinderd. Intussen zien veel kiezers immigratie duidelijk als de belangrijkste kwestie waarmee hun land wordt geconfronteerd. Om het thema eindelijk ernstig te nemen is het dringend tijd voor het erkennen van feiten en voor een open debat zonder taboes. Eerder voerde ik al aan dat veel factoren de migratiestromen de komende decennia nog fors zullen doen oplopen. De tijd dringt dus om eindelijk een strategie te ontwikkelen in plaats van op automatische piloot te blijven rijden met alleen symbolische beleidsdaden rond individuele gevallen.

2 REACTIES

  1. Hoog tijd om eens een ernstige studie te maken – en te publiceren- van de totale kostprijs van de ongecontroleerde immigratie die ons land reeds jaren teistert. Voordelen minus nadelen. Of eerder omgekeerd.En de (on) verantwoordelijken voor deze gang van zaken eens goed in de kijker te zetten . Met naam, toenaam en partij.