Sinds het anarchistisch geweld tijdens de G20-bijeenkomst in Hamburg eerder dit jaar en de mogelijke brandstichting door anarchisten bij drie Belgische bedrijven actief in de defensie-sector vorige maand, drijft de vraag naar boven: hoe actief zijn anarchistische terroristen bij ons? Met hoeveel zijn ze, wat willen ze en welke middelen gebruiken ze hiervoor?

In tegenstelling tot punk, het muziekgenre uit de jaren ’70 dat geassocieerd wordt met anarchisme, is anarchisme zelf nog springlevend anno 2017. Steevast zijn de mensen die vakbondsbetogingen doen ontsporen afkomstig uit deze middens. Het zijn ook veelal extreemlinkse anarchisten die wagens in brand steken en winkels vernielen in de rellen die daarbij gepaard gaan. Tijdens de G20 in Hamburg begin deze zomer raakten honderden agenten gewond door geweldplegingen verricht door anarchisten en daders uit de ‘antifa’-scene. Tientallen wagens werden toen ook in lichterlaaie gezet. Ook de brandstichtingen bij drie bedrijven in de defensiesector sluiten zowel aan bij de ideologie van de anarchistische beweging als bij hun ‘modus operandi’. Maar wat zijn die dan precies?

https://twitter.com/OnlineMagazin/status/883637702226214912

Anarchistische doelstellingen en methodes

Anarchisme als politieke theorie heeft een lange geschiedenis met historische pleitbezorgers zoals de Fransman Pierre-Joseph Proudhon en de Rus Peter Kropotkin. Los van de vele namen en substromingen die het anarchisme kent, is de kerngedachte het streven naar een samenleving waarin mensen zonder een hogere macht of autoriteit leven. De staat wordt aanzien als een kwaad, maar ook andere autoriteiten zoals deze aanwezig in het kapitalisme of in de maatschappij worden als negatief ervaren. Heden ten dage viseren anarchisten allerlei zulke instanties zoals banken, politiegebouwen, gevangenissen (die ze veelal als sterk immoreel achten), multinationals zoals Starbucks, militaire organisaties zoals de NAVO enzoverder.

Anarchisme is als dusdanig verwant aan het communisme, zeker op vlak van anti-kapitalisme en egalitarisme, maar is duidelijk onderscheiden ervan: anarchisten aanvaarden geen staatsgezag, ook niet als tussenstap naar de theoretische staatsloze communes van Marx.

De methodes van de anarchisten zijn te vinden in de revolutionaire schema’s van negentiende-eeuws Europa. De openbare orde moe(s)t omver geworpen worden en hierbij mocht en moest geweld gehanteerd worden. Daar waar zowel communisten als anarchisten soelaas zagen in de collectieve revolutie zoals bijvoorbeeld de Russische Revolutie in 1917, zochten anarchisten, die vaak minoritair waren/zijn, ook naar kleinschalige ‘oplossingen’. In die hoedanigheid zijn anarchisten de grondleggers van modern terrorisme. In Europa en de VS van de 19de eeuw zat de schrik er goed in bij de politieke en aristocratische elites. Anarchistische aanslagen tegen dergelijke doelwitten volgden elkaar snel op met behulp van bommen, kogels en het aanstoken van rellen. Bij een bomaanslag op de opera in Barcelona in 1893 vielen maar lieft 93 doden of zwaargewonden.

Vandaag echter gaan anarchisten minder driest te werk. De meeste, maar niet alle, actiemiddelen gebruikt door anarchisten zijn te verzamelen onder de noemer van ‘directe actie’. Men denke hierbij aan het opwerpen van van barricades, panden kraken, stakingen, ‘adbusten’, het vernietigen van (industriële) eigendom en andere vormen van sabotage. Bij deze laatste categorie horen ook de brandstichtingen bij de defensiebedrijven in Genk, Herstal en de vermoedelijke brandstichting in Mechelen. Anarchisten bejubelden deze branden dan ook omdat ze gezien worden als sabotage van de Belgische ‘oorlogsindustrie’.

Veel gebruikte vormen van directe actie zijn bij wet verboden. Anarchistische acitivisten zien ‘directe actie’ echter als een legitiem actiemiddel. Een voorwaarde voor veel activisten is evenwel dat er bij ‘acties’ geen geweld tegen mens of dier tot stand komt. Vernietiging van goederen past dus natuurlijk wel in dit stramien. Ook deze morele beperking past in de context van de branden in Mechelen, Genk en Herstal. Men wachtte tot ‘s nachts om de branden aan te steken, haast zeker (gedeeltelijk gemotiveerd) om zo menselijke slachtoffers te vermijden.

Anarchisme in België

Anarchisme steekt in België geregeld haar weinig fraaie kop boven. Tijdens de betogingen vorig jaar in mei waren (opnieuw) groepjes anarchisten te zien in Brussel, veelal in het zwart gekleed en met het gezicht bedekt. Ze gooiden stenen naar de politie en maakten winkelramen stuk. Tijdens dezelfde stakingsmanifestatie werd een politiecommissaris knock-out geslagen in de aanslepende onlusten.

Inhoud niet beschikbaar.
Accepteer cookies door op Accepteren in de banner te klikken

Ook de beruchte vandalenactie in 2011 tegen het GGO-aardappelveld van de UGent in Wetteren was deels anarchistisch geïnspireerd. Het zogenaamde ‘Field Liberation Movement’, de organisatie die verantwoordelijk was voor de georganiseerde aardappelvernieling, had/heeft immers een kern uit het Gentse milieu van krakers en anarchisten rond de figuur van Steven Desanghere. Het was deze groep die zorgde voor de connectie met linkse extremisten uit Frankrijk en Nederland zodat er 300 activisten konden gemobiliseerd worden om de politie te overmeesteren en het aardappelveld te vernielen.

Maar de anarchistische methodes beperken zich niet tot publiek (al dan niet gewelddadig) activisme. Ook geheime, clandestiene acties behoren tot de instrumenten van de groepen anarchisten die actief zijn in België. Begin augustus heeft de Brusselse raadkamer beslist om 12 verdachten in een terreurzaak door te sturen naar de correctionele rechtbank. De verdachten zijn verwikkeld in een zaak tegen de anarchistische terreurgroep La Cavale. La Cavale is/was vooral actief in het Brusselse en is volgens het federaal parket (bevoegd voor terreurzaken) verantwoordelijk voor een 150-tal feiten. Bij de feiten ook vandalisme en brandstichting. Waar de afgelopen maand de branden bij de drie defensiebedrijven werden bejubeld door anarchisten, worden leden van ‘La Cavale’ verdacht van brandstichting op een bouwwerf van een gevangenis en het privédomein van een gevangenisarchitect.

In het jaarrapport van Staatsveiligheid (over 2011) staat te lezen dat het linksextremisme dat men monitort, hetgeen dus een potentiële bedreiging vormt voor de ‘veiligheid van de staat’, “voornamelijk [wordt] waargenomen in kringen van
anarchisten […]”. Reeds in 2011 constateerde de Belgische inlichtingendienst “een ontegensprekelijke radicalisering” van “het anarchistische milieu in ons land” die al enkele jaren aan de gang is. “Een kleine kern van Belgische anarchisten vertoont de blijvende bereidheid geweld te gebruiken tegen voornamelijk materiële doelen […]”, zo staat verder in het rapport. “Zij maken dan ook voorwerp uit van de opvolging door de Veiligheid van de Staat”.

Ook het Amerikaanse inlichtingenbedrijf Stratfor, dat terreurincidenten overheen de wereld nauw opvolgt, gaat uit van een anarchistisch motief bij de industriebranden. In een van de veiligheidsproducten dat het bedrijf maakt voor haar zakelijke klanten, genaamd ‘Stratfor Threat Lens’, staat te lezen dat “de gebruikte middelen en nachtelijke tijdstippen van de aanvallen overeenkomen met de manier waarop eerdere aanvallen door anarchistische militanten plaatsvonden”.

De brandstichting bij Varec in Mechelen (vermoedelijk), Teksam in Genk en Thales in Herstal past met deze informatie in het achterhoofd dus ook qua methodes in het anarchistische stramien. Voor sluitende antwoorden rond de branden zullen we echter moeten wachten op de resultaten van de lopende onderzoeken. De trage respons en het aanvankelijk gebrek aan coördinatie vanwege het federale parket zijn evenwel ontmoedigend voor een effectieve afloop van het onderzoek.