“In België zijn er ongeveer 500 Syriëgangers, maar er is een groep van meer dan 2.000 geradicaliseerden. Als we naar Europa kijken, zijn het er meer dan 50.000 (radicale moslims -red.).” Dat zegt Gilles de Kerchove, deze maand reeds 10 jaar Europees antiterrorismecoördinator, in een interview in De Morgen.

“Dat is een schatting, het kunnen er ook duizend meer of minder zijn. Maar ze stellen de veiligheidsdiensten voor een probleem,” aldus de Kerckhove. “Het zou een vergissing zijn te denken dat het ineenstorten van het kalifaat aan alles een einde zou stellen. Het gaat helaas nog even blijven duren. Of toch die pogingen tot aanslagen. Je mag niet vergeten dat er heel veel terroristen zijn die er niet in slagen om effectief tot actie over te gaan.”

Aanslagen Spanje

De Kerchove maakt de balans op na de aanslagen in Barcelona en Cambrils waar 16 dodelijke slachtoffers waren te betreuren: “Er is veel kritiek op Spanje nu, maar kijk ook eens naar hun statistieken. Nog voor de laatste aanslag hebben ze dit jaar 51 jihadisten gearresteerd. Er waren 69 arrestaties in 2016 en nog eens 75 in het jaar daarvoor.”

Kwetsbaarheid verminderd

Er is niet alleen reden tot ongerustheid, er zijn ook stappen vooruit gezet in het antiterrorismebeleid: “De dreiging blijft ernstig maar onze kwetsbaarheid is verminderd. Dankzij alle genomen maatregelen. Je kunt het risico op een aanslag beschouwen als de optelsom van enerzijds bedreiging en anderzijds kwetsbaarheid. Die aanslag in Barcelona zegt misschien wel iets over onze gedaalde kwetsbaarheid. Want het enige lichtpuntje in die droevige gebeurtenis is dat de daders hun plan A niet konden uitvoeren. Ze waren niet in staat om explosieven te hanteren en hun alternatieven waren voertuigen en messen. Waren ze niet in staat om betere explosieven te kopen? Of kalasjnikovs? En was dat dan het resultaat van onze maatregelen? Want we hebben niet stilgezeten.”

De Kerchove benadrukt dat het probleem niet zit bij een gebrek aan samenwerking tussen de Europese lidstaten: “Er is een systematische bashing van inlichtingendiensten. Elke keer komt dezelfde opmerking dat ze te weinig info uitwisselen. Terwijl we daar net grote stappen hebben gezet. Het probleem ligt niet bij het verzamelen van info, of het delen ervan, maar bij de analyse van de gegevens.”

Kantelmoment

“Inlichtingendiensten moeten analyseren wie radicaal is en hoe radicaal die is. Zo iemand kan lang radicaal zijn tot hij een kantelmoment bereikt, paf, waarop hij naar geweld grijpt. Het is kwestie van dat kantelmoment te detecteren,” aldus de antiterrorismecoördinator.

“In het Verenigd Koninkrijk hebben ze 20.000 radicale personen gedefinieerd. Van die 20.000 is MI5 bezorgd over 3.000 van hen. Daarvan houden ze er 500 nauwlettend in de gaten. Mijn vraag is welke criteria je gebruikt om van die 20.000 naar 3.000 te gaan en vervolgens naar 500. Vanaf welke drempel schuif je deze mensen door van de ene categorie naar de andere? En vanaf welk moment deel je die info met andere lidstaten? Die grote groep, de middelgroep, of de kleine? Die vragen zijn nog niet volledig beantwoord. Het is ook geen exacte wetenschap.”

De Kerchove betwijfelt of deze zelfverklaarde jihadisten vatbaar zijn voor deradicalisering: “Iemand die zeer radicaal is, zal bij zijn ideeën blijven. Wat je wel op zijn minst moet proberen te verkrijgen, is dat de persoon geen geweld gebruikt om die ideeën te verwezenlijken.”