Vegetariërs en veganisten zijn vaker ongelukkig, zo blijkt uit een nieuwe studie verricht onder de vleugels van de Medical Research Council (MRC) in het VK. Vooral tekorten aan ijzer en de vitamine B12 zorgen voor grotere risico’s op mentale problemen zoals depressie. Dat brengt De Morgen. De nieuwe studie bevestigt eerder onderzoek die al dergelijke verbanden legde. 

Veel ecologisch bewuste mensen mijden vlees. Maar vlees laten staan kan voor lichamelijke problemen zorgen, dat was al langer bekend. Zo hebben veganisten (die weigeren elk dierlijk product zoals kaas of melk) een hogere kans op botbreuken door de lagere calciuminname. Maar ook mentale onregelmatigheden kunnen ontwikkelen wanneer men geen vlees meer eet. Eerder onderzoek wees er reeds op dat vleesloos door het leven gaan de kansen op depressie kan verdubbelen. Een nieuwe onderzoek verbonden aan de MRC bevestigt dit verband.

Deze dode zone is bijna twee keer zo groot als Vlaanderen. Vissen en andere dieren die niet vluchten, sterven.

Publiée par De Morgen sur jeudi 3 août 2017

B12

De nieuwe studie vergeleek 9.668 mannen. Vrouwen zijn namelijk tot twee maal waarschijnlijker dan mannen om depressief te zijn, wat als reden kan dienen voor de exclusief mannelijke steekproef. Ook eten vrouwen vaker vleesloos, wat conclusies compliceert wanneer met gemengde steekproeven wordt gewerkt.

Wat bleek? De groep in de studie die wel vlees at was tot twee maal toe minder waarschijnlijk om een depressie te ontwikkelen. De vegetariërs en veganisten scoorden namelijk dubbel zo hoog op de ‘depressie-index’. Ook wanneer werd gecontroleerd op allerlei factoren zoals beroep, leeftijd, thuissituatie, ziektes, religie… bleef de correlatie intact.

Eerder onderzoek wees op eenzelfde verband. Een studie gepubliceerd in 2012 in het vaktijdschrift ‘International Journal of Behavioral Nutrition and Physical Activity’ bewees een hogere prevalentie van depressie-, angst- en andere mentale stoornissen onder vegetariërs. En een recentere studie gepubliceerd in 2014 aan de universiteit van het Oostenrijkse Graz ontblootte tevens dat vegetariërs dubbel zoveel kans hebben op een angst- of depressiestoornis, naast allerlei andere gezondheidsproblemen. De wetenschappers raadden de Oostenrijkse overheid aan om “een stevig gezondheidsprogramma” uit te bouwen die deze “risico’s verbonden aan nutritionele factoren” aanpakt.

(Lees verder onder de tweet/foto.)

Opletten met causale verbanden

“De bewijskracht is niet altijd even sterk, want het is nooit evident om een direct verband te leggen tussen voeding en ziekte”, waarschuwt Michaël Sels, hoofddiëtist van het UZA, aan De Morgen. Sommige experts stellen ook dat een omgekeerde causaliteit mogelijk is. Namelijk doordat mensen die ontvankelijker zijn voor mentale stoornissen, misschien sneller hun eetpatronen aanpassen en opteren voor een vleesloos dieet. Nog een hypothese luidt dat mensen die obsessief met hun voeding bezig zijn, ongelukkiger zijn.

(Lees verder onder de tweet.)

Sels wimpelt de risico’s echter niet af: “[…] Het klopt dat er psychologische risico’s gepaard gaan met vegetarisme. Zo wees systematisch onderzoek uit dat een tekort aan vitamine B12 gepaard gaat met depressie en stemmingswisselingen, en ook ijzertekort lusteloosheid voortbrengt. Natuurlijk zit ijzer ook in bepaalde groenten, maar toch wordt vooral het zogenaamde heemijzer uit vlees goed door het lichaam opgenomen. En vitamine B12 zit van nature enkel in dierlijke producten.”