“Nederland kan de digitale dreiging niet aan”, dat zegt brigade-generaal en strategisch adviseur Nationale Veiligheid en Cyber, Wilfried Rietdijk, in de Volkskrant. Hij pleit voor een nieuwe organisatie die kan strijden tegen buitenlandse dreiging en beïnvloeding via cyberaanvallen en ‘fake news’.

Cybercriminaliteit is één van de grote uitdagingen om in de toekomst goed aan te pakken. De digitale dreiging wordt steeds groter, maar de technieken die gebruikt worden overstijgen het ministerie van Defensie en de inlichtingendiensten. Dat is althans de conclusie van brigade-generaal Rietdijk.

Centraal orgaan

Brigade-generaal Rietdijk pleit voor een centraal orgaan dat blijvend nagaat op welke manier buitenlandse krachten de Nederlandse democratie proberen te ondermijnen. “De technieken die bij de moderne oorlogsvoering gebruikt worden, overstijgen mijn departement”, stelt hij.

Het pleidooi van de brigade-generaal sluit aan op een advies van de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR) in mei. Zij pleitten toen voor de oprichting van een Nationale Veiligheidsraad naar Amerikaans model. De Nationale Veiligheidsraad moet onder leiding staan van de premier en samengesteld worden met afvaardigingen van Defensie, Buitenlandse Zaken, Ontwikkelingssamenwerking, Veiligheid en Justitie.

“Nederlandse bedrijven en instellingen liggen dagelijks onder vuur van cybercriminelen uit Rusland, China, Iran en Soedan”, gaat Rietdijk verder. Zo krijgt een Nederlandse missie in NAVO-verband in Litouwen steeds te maken met cyberaanvallen gepleegd vanuit Rusland. De genoemde landen specialiseren zich volgens Rietdijk op digitale technieken om de zwakke kanten van de Westerse samenleving aan te vallen. “Bij de berichtgeving rond MH17 heeft Moskou pogingen ondernomen om de Nederlandse burgers te manipuleren”, geeft Rietdijk als voorbeeld.

‘Fake news’

Rietdijk pleit dan ook voor een nauwe samenwerking tussen de overheid en de belangrijkste media. Nepnieuws is één van de nieuwe technieken die gebruikt wordt bij moderne oorlogsvoering. “De media met wie wordt samengewerkt kan aangeven welk nieuws gecontroleerd is en welk nieuws dat niet is”, meent Rietdijk.

Een dergelijke informatieoorlog is volgens Rietdijk bijzonder bedreigend voor de Nederlandse democratie. Het vertrouwen van onze burgers wordt daardoor zwaar op de proef gesteld. “Er is nagedacht over de zwakke plekken in ons systeem”, besluit Rietdijk.