In totaal telt de Vlaamse overheid zo’n 86 agentschappen variërend in omvang en in opdracht. Één kenmerk hebben zij echter allen gemeen: onduidelijke structuren en verschillende vergoedingssystemen. Dat brengt De Morgen naar buiten. 

Fractieleider voor Groen in het Vlaams Parlement, Björn Rzoska, vroeg aan de Vlaamse regering informatie over alle agentschappen. Rzoska zijn conclusie: “Het is een wildgroei aan structuren”. Volgens hem staat “dit […] goed bestuur in de weg”. Ook Guberna, het Belgische kenniscentrum voor goed bestuur, is kritisch ten aanzien van de Vlaamse agentschappen. Onder andere de transparantie is problematisch, stipuleert de organisatie in hun jaarrapport.

Geen lijn in vergoedingen

Ieder agentschap heeft veelal een politiek benoemde raad van bestuur. Nergens valt er met betrekking tot de verloning een lijn te trekken. Zo hanteert men in de raad van bestuur van agentschap x een jaarlijkse vergoeding, terwijl Y voor zitpenningen kiest en Z voor een combinatie van beide opteert.

Ook in de hoogte van de vergoedingen zit geen lijn. Zo betalen agentschappen die zich bezighouden met investeringen of infrastructuurwerken meer dan agentschappen uit de culturele sector. David Van Herreweghe, voorzitter van de Antwerpse mobiliteitsmaatschappij BAM, verdient zo 75.000 euro bruto per jaar. Een bestuurszitje bij het Ballet van Vlaanderen daarentegen levert niets op.

Grondig debat over hoogte vergoedingen

De problematiek van de agentschappen is Vlaams minister-president Geert Bourgeois (N-VA) niet onbekend. Om die reden bestelde hij eerder dit jaar een grote doorlichting bij advieskantoor Hudson. Hiervan verwacht hij de resultaten aan het eind van dit jaar. “Wij staan voor meer efficiëntie en transparantie”, laat hij aan De Morgen weten. “En als er excessen zijn in de vergoedingen, dan moeten die eruit.

Rzoska wil er dan weer “geen heksenjacht van maken”, maar over “de hoogte van de vergoedingen moeten we eens grondig debatteren. Moet iemand uit de cultuursector noodzakelijk minder verdienen? Ik weet het niet. Vlaanderen moet werk maken van transparante regels. Het is nu compleet onduidelijk op basis waarvan die mensen hun vergoedingen krijgen.”

Kluwen van structuren

Naast de niet transparante vergoedingspolitiek, is er vaak sprake van een kluwen van structuren. Zo hebben investeringsmaatschappij PMV en de Limburgse Reconversiemaatschappij (LRM) elk bijvoorbeeld twaalf dochterondernemingen.

Volgens professor publiek management Steven Van de Walle (KU Leuven) worden “die agentschappen ad hoc opgericht voor de noden van het moment, en […] blijven [ze] ook in die vorm voortbestaan. Bovendien verschillen de domeinen waarop ze actief zijn erg. Vandaar de grote diversiteit aan structuren en samenstellingen.”

Op een grote ‘opkuis’ blijft het voorlopig wachten. Stellen dat de Vlaamse regering niets doet klopt echter niet. Zo bouwde deze het aantal agentschappen al af bij onder andere dochterondernemingen van investeringsmaatschappij PMV.

1 REACTIE