Sinds prenatale testen in de Verenigde Staten net zoals in de Europese Unie standaard zijn geworden, is het aantal abortussen op kinderen met het syndroom van Down exponentieel toegenomen. IJsland is de koploper van deze trend met een percentage van bijna 100 procent. Dit meldt de nieuwszender CBSN.

Aan het begin van de eeuwwisseling bereikte in het Westen de combinatietest de brede lagen van de bevolking. Aan de hand van echografie, bloedtesten en de leeftijd van de vrouw wordt een vrij betrouwbare schatting gemaakt of het kind in de moederschoot al dan niet een chromosomale afwijking heeft. De meest voorkomende afwijking is deze waarbij chromosoom 23 drievoudig in plaats van tweevoudig wordt aangemaakt. Trisomie-21 staat in de volksmond bekend onder het syndroom van Down.

Koploper IJsland

Bij de vaststelling van deze afwijking kiezen vrouwen in IJsland massaal om de zwangerschap af te breken. Hulda Hjartardottir, hoofd prenatale diagnose van het Landspitali Universitair ziekenhuis, benadrukt dat er nog wel degelijk kinderen met Downsyndroom in IJsland geboren worden. De reden hiervoor is dat de combinatietest niet waterdicht is. Eveneens benadrukt ze dat kinderen die met Downsyndroom geboren worden meestal in een gezin terecht komen waar het kind effectief gewenst is.

Geneticus Kari Stefansson, stichter van deCODE Genetics, zegt dat de ziekte van Down bijna uitgeroeid is in IJsland. Er bestaat bijna geen kind meer met Downsyndroom binnen een bevolking van meer dan 300.000 mensen. Volgens het instituut ligt de moderne genetische expertise aan de oorsprong van deze trend. Stefansson benadrukt echter wel dat advies neutraal is en de evolutie een moreel en ethisch denkwijze weerspiegelt.

Gelijkenissen en verschillen in Europa en Amerika

Zowel in Europa als Amerika zien we net als in IJsland een stijging in het aantal abortussen op kinderen met het Downsyndroom. Toch is dit geen uniforme beweging. Zo zien we dat in Noord-Europa de cijfers het hoogste liggen. Denemarken spant hier de kroon met 98 procent abortussen in deze situatie. Zuid-Europa kent een lager percentage dan Noord-Europa. Malta kent in deze situatie het laagste abortussen van Zuid-Europa. Malta kiest voor het ondersteunen van gezinnen die kinderen met Downsyndroom opvoeden en dat maakt het verschil, aldus minister van volksgezondheid Christopher Fearne.

De VS kent eveneens een forse stijging in zwangerschapsbeëindiging bij gevallen van Down. Opvallend is wel dat in vergelijking met Europa de cijfers een pak lager liggen. Ongeveer een 67 procent van de Amerikaanse vrouwen in deze situatie zou voor een beëindiging verkiezen.

De nieuwszender CBSN stelt zich in hun reportage een aantal vragen met betrekking tot deze nieuwe cijfers: Hoe ziet een samenleving zonder kinderen met Downsyndroom er uit? Waarom worden kinderen met Downsyndroom eerder geaborteerd dan kinderen zonder afwijking? Worden de weinige kinderen met het syndroom van Down hierdoor meer gestigmatiseerd? Hoe moet men omgaan met het feit dat de combinatietest niet waterdicht is ? Waar liggen de morele en ethische grenzen rond dit thema? Wat zegt dit over onze samenleving? De nieuwszender stelt dat experts deze vragen dienen te beantwoorden en zij de situatie zorgvuldig zullen opvolgen.