Gisteren stelde PS-voorzitter Elio Di Rupo zijn boek “Nouvelles conquêtes” voor. Met stevige socialistische recepten – waarvan er vele ook terug zijn te vinden in het programma van de extreemlinkse PVDA – wil hij zijn partij uit het electorale moeras trekken. 

Lichtjes geïrriteerd vroeg Di Rupo aan een reporter van ‘Terzake’ of “u […] ons toch niet maandenlang [gaat] blijven achtervolgen met die schandalen? Nu beginnen we aan een nieuw hoofdstuk”. De lichte irritatie van de PS-voorzitter nadat er weer werd teruggekomen op de schandalen, maakt veel duidelijk. Di Rupo wil als het ware de bladzijde meteen omgooien en opnieuw vechten voor de geloofwaardigheid van zijn partij. Naast een properdere politiek lanceert hij ook een boek met daarin stevige socialistische recepten. Velen hiervan echter, vallen ook terug te vinden in het programma van de extreemlinkse PVDA van 2014.

Inhoud niet beschikbaar.
Accepteer cookies door op Accepteren in de banner te klikken

“Shocktherapie” tegen groeiende ongelijkheid in het onderwijs

Uit een oplijsting van De Morgen blijkt dat Di Rupo de ongelijkheid bij de wortel wil aanpakken. Zo zou in de toekomst – althans als het van de PS-voorzitter afhangt – ieder kind gratis naar school kunnen gaan. Doch, gratis naar schoolgaan alleen is voor hem niet voldoende. Gezonde, warme middagmaaltijden en een uur extra studie moeten ook kosteloos zijn. Kinderen zouden ook veel vroeger verplicht naar de kleuterschool moeten gaan volgens de PS-voorzitter. Als het van hem afhangt, begint de leerplicht vanaf drie jaar.

Dezelfde voorstellen vallen ook terug te vinden bij de extreemlinkse PVDA. Onder hoofdstuk “GOLEFT12: Onderwijs tegen ongelijk” bepleit de partij eveneens leerplicht vanaf drie jaar en volledig kosteloos onderwijs. Natuurlijk gaan de ‘marxisten van de 21ste eeuw’ verder dan Di Rupo. Zo dienen bijvoorbeeld de onderwijsnetten volgens de partij van Peter Mertens te verdwijnen om plaats te maken voor het staatsonderwijs.

Loonplafond en vierdaagse werkweek

In de publieke sector werd enkele jaren geleden een loonplafond geïnstalleerd. Di Rupo wil dat nu ook in de private sector implementeren. Zo mag het hoogste loon in een onderneming niet meer gaan bedragen dan het vijftienvoudige van laagste loon. Ook zouden werknemers medezeggenschap moeten krijgen in het beheer van het bedrijf waarin ze werken.

Di Rupo publiceert in zijn boek ook een nieuwe manier om de werkloosheid te bestrijden. Via een vierdaagse werkweek – van 30 uur en 24 minuten – moet er een betere werkverdeling tot stand komen en moeten stressaandoeningen en andere problemen verdwijnen. Ook zou er – in het kader van de strijd tegen sociale dumping – een Europees minimumloon moeten komen. Soortgelijke of dezelfde voorstellen vallen eveneens terug te vinden in het programma van de PVDA.

Het finale doel van Di Rupo: geen enkele Belg die onder de armoedegrens leeft. Naast de eerdere voorstellen bepleit hij een Algemene Sociale Bonus. Door de laagste lonen een duwtje in de rug te geven, moeten deze boven de armoedegrens uitkomen.

Belastingen en legalisering cannabis

De vraag is echter hoe Di Rupo zijn voorstellen wil gaan financieren. Veel aandacht gaat vooreerst naar hoe er belast moet worden. Di Rupo bepleit een gelijke belasting van iedere vorm van kapitaal. Of deze nu uit arbeid, dividenden of huur komt: één euro is één euro, voor de socialist. De belasting hierop dient volgens Di Rupo progressief te verlopen.

Een andere bron van inkomsten die de PS-voorzitter op het oog heeft is een miljonairstaks. Verder wil Di Rupo een taks op financiële transacties, een taks die bedrijven moeten betalen op de winsten die ze halen uit de robotisering van hun productie en wil hij onderzoeken welke kortingen op de sociale bijdragen werkelijk meerwaarde hebben. Hiernaast wil de PS-voorzitter de kas van de sociale zekerheid spijzen door een bijkomende solidariteitsbijdrage in te voeren: de algemene sociale bijdrage.

Naast deze batterij aan nieuwe belastingen wil Di Rupo een legalisering van cannabis. De PS-voorzitter pleit voor toezicht van de staat op het gehele proces gaande van productie tot het gebruik. Waarschijnlijk zal deze maatregel – vanwege de accijnzen die men hier vermoedelijk op zal heffen – een soort van bijkomende ‘alternatieve’ financiering uitmaken.