De parlementaire onderzoekscommissie naar de aanslagen van 22 maart vorig jaar heeft haar conclusies over het luik veiligheid voorgesteld. Commissievoorzitter Patrick Dewael (Open Vld) en commissieleden Kristien Van Vaerenbergh (N-VA), Meryame Kitir (sp.a) en Stefaan Van Hecke (Groen) bespraken in De Zevende Dag welke maatregelen genomen moeten worden om toekomstige aanslagen proberen te voorkomen.

Dewael verklaarde meteen dat massageolie nodig was om onder elkaar tot een noodzakelijke consensus te komen. De veiligheid van de burgers verzekeren bleek voor alle aanwezige partijen belangrijk genoeg om vroegere geschillen achterwege te laten. Zo opperde Kitir: “Op veiligheid politieke spelletjes spelen, zou één groot falen betekenen van de politiek”. Ze was daarom blij tot een resultaat te zijn gekomen, nadat alle partijen samen probeerden te kijken welke maatregelen genomen moeten worden. Kristien Van Vaerenbergh stemde in met Kitirs visie: “Veiligheid belangt iedereen aan.”

Eensgezindheid bij commissieleden

Na de aanslagen bleek dat na de eenmaking van de politie en andere hervormingen nog altijd niet zou worden samengewerkt in bijvoorbeeld het opvolgen van geradicaliseerde moslims. Dewael verbeterde meteen de stelling door te beweren dat er “nog niet voldoende wordt samengewerkt!”. Diensten werken volgens de liberaal wel hard, maar hij merkt naar eigen zeggen ‘eilandvorming’, waardoor veel medewerkers nog leven in een “cultuur van te veel iedereen op zijn eigen terrein.”

Ook Kitir verkondigde dat heel wat cruciale informatie voor de aanslagen voorhanden was, maar dat hier niet correct mee omgegaan werd. Daarom is volgens haar nood aan bijkomende initiatieven om radicalisering tegen te gaan en geradicaliseerden beter op te volgen.

Kruispuntbank en nieuwe maatregelen

Van Vaerenbergh verklaarde verder het nut van een kruispuntbank, die de meer dan 127 databanken voor het onderzoek naar terreur in ons land met elkaar moet verbinden. Dit zou cruciaal zijn om informatie meer te laten circuleren en dossiers makkelijker kunnen behandelen. Van Hecke vermelde dat een cultuuromslag van meer samenwerking bij de verschillende diensten geïntroduceerd moet worden.

Dewael sprak daarna over de zwakke positie van de Belgische inlichtingendiensten en staatsveiligheid. Volgens hem moet meer ‘brandstof’ toegevoegd worden voor een betere werking. Kitir sprong mee op zijn wagen door te wijzen op het mensentekort bij diensten en de daarmee gepaard gaande verwaarlozing van dossiers. Van Vaerenbergh beweerde evenwel dat vandaag meer politieagenten aangeworven worden en we nu al procentueel over meer politiemensen beschikken in vergelijking met de ons omringende landen.

Eind mei werd bekend dat slechts 40 percent van de gekende ‘Foreign Terrorist Fighters’, dat zijn bijvoorbeeld de beruchte Syriëstrijders, in de gevangenis zitten. Dat bleek uit de cijfers die Monica De Coninck, Kamerlid voor sp.a, opvroeg bij minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA).