Vandaag organiseerde de N-VA hun derde studievoormiddag over de staatkundige toekomst van België. Meer concreet lag de focus op het confederalisme en wat Vlaanderen zou kunnen leren van Zwitserland. Volgens de N-VA zou een evolutie richting het Zwitserse model tot beter bestuur en minder politieke mandaten leiden.

N-VA-toppers Matthias Diependaele (fractieleider Vlaams Parlement) en Sander Loones (Europarlementslid), kondigden eerder al een ‘communautaire revival’ aan. Zo stelden zij in de De Tijd dat het communautaire niet in de koelkast maar in de oven zit. “Zodra het gaar is, gaan wij het serveren”, aldus Loones. Door de recente gebeurtenissen in Franstalig België kan het communautaire wel eens sneller gaar worden, dan aanvankelijk werd vermoed. Wat wil de N-VA in dat geval doorvoeren?

De politieke crisis in Wallonië kan op termijn het hele politieke landschap beïnvloeden. Bart De Wever schetste vanavond zijn droomscenario daarvoor.

Publiée par De Afspraak sur vendredi 23 juin 2017

Afslanking structuren

De partij pleit al een tijdje voor een confederaal model. Hierin zouden de deelstaten – Vlaanderen en Wallonië – over het merendeel van de bevoegdheden beschikken. Enkel defensie, buitenlandse zaken, veiligheid en de afbouw van de staatsschuld zouden op confederaal niveau blijven. Hierbij stipuleert de V-partij echter dat ook in deze domeinen de deelstaten het ‘heft in handen’ zouden hebben. Alle andere bevoegdheidsdomeinen, gaande van de sociale zekerheid tot de fiscaliteit en de arbeidsmarkt, zouden volledig aan de deelstaten toekomen.

De partij is van mening dat Vlaanderen met betrekking tot het confederalisme veel zou kunnen leren van ‘succesmodel’ Zwitserland. Zo zou de manier van organiseren van de losse federatie in de Alpen een hele reeks voordelen kunnen opleveren bij ons. Doordat de deelstaten zo goed als alle bevoegdheden zelf uitoefenen, zouden heel wat structuren en politieke mandaten overbodig worden. De huidige 150 Kamerleden, 60 Senatoren en 18 ministersposten zouden plaatsmaken voor 50 leden van een confederale ‘assemblée’ en zes confederale ministers.

Het confederalisme zou – althans volgens de N-VA – ook een einde maken aan het fenomeen dat iedereen bevoegd is, maar niemand verantwoordelijk. Vooral met betrekking tot het financiële domein zou dit volgens de partij een enorme verbetering zijn. De redenering is namelijk als volgt: als Vlaanderen en Wallonië verantwoordelijk zijn voor hun eigen inkomsten en uitgaven, resulteert dit in meer uitgavendiscipline. Bijgevolg zouden de deelstaten ook lagere belastingen kunnen heffen.

De toenemende invloed van economische argumenten

Wat opvalt is dat de partij tijdens haar studievoormiddagen vooral de klemtoon legde op de economische baten van hun confederaal model. Zo stelde de N-VA vorige week dat “Vlaanderen en Wallonië economisch steeds verder uit elkaar groeien”Vandaag werd er dan weer uitgelegd op welke manier confederalisme economisch efficiënter is. Federaal fractieleider voor de N-VA, Peter De Roover, zei aan SCEPTR echter dat dit de identiteitscomponent niet uitsluit.

Integendeel, volgens De Roover zijn er verschillende manieren om mensen te overtuigen. Zo moet je volgens hem “zelf niet emotioneel flamingant zijn om toch in te zien dat dit (confederalisme, red.) op zich een sterk verhaal is. Diegene die dat uit een meer identitaire benadering zien, die behoren tot de kern van de partij, maar diegene die dat wat rationeler en economischer willen benaderen die willen wij ook expliciet aanspreken”, aldus de fractieleider met een verleden in de Vlaamse Volksbeweging.

N-VA en VB? “Niet elkaars vijanden”

De N-VA is echter niet de enige Vlaams-nationalistische partij die een voorbeeld neemt aan Zwitserland. Zo liet eerder ook Vlaams Belang-voorzitter Tom Van Grieken weten een Zwitserland aan de Noordzee” te ambiëren. Zullen beide partijen in de toekomst – althans op dit thema – samenwerken?

“Wanneer het gaat over het realiseren van het Vlaams zelfbestuur hoop ik dat al diegene die daar creatief over nadenken weten dat ze elkaars vijanden op dat punt niet zijn”, zei N-VA-fractieleider in de Kamer Peter De Roover aan SCEPTR. Verder sprak de N-VA’er zijn hoop uit dat “die gedachten ook buiten die twee partijen meer en meer wortel zullen schieten”.

4 REACTIES

  1. We gaan naar een historisch eindspel. Er is niet enkel de neerbuigende houding van de Franstaligen met hun eeuwige zucht naar geld en grond, er is ook het federaal politiek dolgedraaide kluwen met de onmogelijkheid tot goed bestuur. De Belgische constructie is onherstelbaar bouwvallig en de renovatie ervan onhaalbaar. Iedereen weet dat. Je kan de geschiedenis niet tegenhouden.

  2. Dan hoop ik wel dat N-VA consequent is en alle verwijzingen naar Vlaamse onafhankelijkheid uit haar partijprogramma verwijdert. Het is ofwel het een ofwel het ander. Als je volop voor confederalisme kiest is het kiezerbedrog om onafhankelijkheid in je programma te laten staan.

    • U vergist zich. In 2018 trekt de N-VA naar de kiezer met (o.a.) het voorstel voor confederalisme, en daar mag die kiezer dan over oordelen. Niks belet de partij om bij de daaropvolgende verkiezingen een voorstel voor onafhankelijkheid voor te leggen, als alle omstandigheden daar rijp voor zouden zijn, en dan mag de kiezer dààr weer over oordelen. Van kiezersbedrog is zo totaal geen sprake en uw conclusies kloppen dus niet, maar ze hebben wellicht ook enkel tot doel om kiezers weg te lokken bij de N-VA 🙂 P.S.: Het verschil tussen confederalisme en onafhankelijkheid is voor Vlaanderen de facto trouwens zeer beperkt — wie iets anders beweert, dwaalt.

      • Ik probeer helemaal geen kiezers weg te lokken bij wie dan ook, iedereen stemt maar op de partij die hij/zij het meest geschikt acht. Ik stel alleen vast, als je 10 interviews met N-VA’ers leest dat je dan 11 verschillende communautaire standpunten krijgt. Nu eens onafhankelijkheid, dan weer confederalisme (waar je heel veel verschillende invullingen aan kan geven trouwens), dan luidt het weer dat er perfect verder regeert kan worden ook zonder communautaire hervormingen. De Wever deed onlangs zo’n uitspraken en flikkerde vervolgens Vuye en Wouters buiten, gewoon omdat ze vasthielden aan het partijprogramma. Als je er dan rekening mee houdt dat de Vlaamsgezinde retoriek bij N-VA veel groter is voor de verkiezingen dan erna (niet enkel nu trouwens; wie herinnert zich de Maddens-doctrine nog?) dan houd ik alvast mijn hart vast.