Terwijl de onderhandelingen in Astana voorlopig nog verder gaan in de zoektocht naar een tijdelijk vredesbestand tussen de Syrische overheid en een aantal rebellengroepen te versterken, lijkt de onderlinge strijd tussen verschillende rebellenfracties in Syrië te escaleren.

Al-Nusra (nu ook genoemd als Jabhat Fateh al-Sham en gelieerd aan Al Qaida) zijn met een grootschalig offensief gestart tegen de rebellen van Jaish al-Mujahideen. Hierna hebben rebellengroepen als Ahrar al-Sham zich in de strijd gemengd tegen Al-Nusra ten voordele van Jaish al-Mujahideen. De gevechten concentreren zich in het noordwesten van Aleppo en Idlib.

Al-Nusra had eerder nog het hoofdkwartier van Jaish al-Mujahideen omsingeld en gevraagd om hun overgave. Deze zijn daar niet op ingegaan waarna het offensief is gestart.

De verschillende betrokken rebellengroepen zijn nu verwikkeld in een strijd van enige schaal, maar het niet de eerste maal is dat onderling gevochten wordt. Aan samenwerken lijkt – voorlopig toch – een einde te zijn gekomen. In tegenstelling tot de verschillende rebellengroepen die nu onderling vechten tijdens het fragiele wapenbestand kan het Syrische leger van Assad nu beter gebruik maken van de tactische pauze in de gevechten.