De administratie van Trump begint meer en meer zijn finale vorm te krijgen. Afgelopen weekeinde benoemde Trump Gary Cohn tot zijn directeur van de Nationale Economische Raad van de Verenigde Staten. Dat is een belangrijk orgaan dat economisch beleid ontwerpt en de president bijstaat in de uitvoering ervan.

In de verkiezingscampagne bracht Donald Trump twee thema’s aan die op gespannen voet met elkaar staan. Langs de ene kant viel hij Hillary aan als knecht van het grote geld. Ze verkreeg veel geld – onder meer door speeches te geven voor bedrijven als Goldman Sachs – en werd afgeschilderd als een politica die te koop was en de schoothond van multinationals speelde tegen de belangen van de Amerikanen in.

Aan de andere kant wilde Trump top zakenmensen binnenhalen in zijn regering, omdat die beter zouden kunnen onderhandelen dan de huidige politici, die volgens Trump totaal onbekwaam zijn. Daar lijkt hij nu mee bezig te zijn: heel wat van zijn benoemingen zijn miljonairs en zelfs miljardairs die het gemaakt hebben in de zakenwereld. Echter, aan de top is het altijd krap en meerdere van zijn benoemingen, zoals Steve Bannon, Steven Mnuchin en nu ook Gary Cohn, zijn mensen die jarenlang gewerkt hebben voor niemand minder dan de beruchte bank Goldman Sachs:

Inhoud niet beschikbaar.
Accepteer cookies door op Accepteren in de banner te klikken

Het bedrijf heeft een naam als een klok over gans de wereld, maar bij het brede publiek heeft het een negatieve bijklank. Vooral de rol die ze speelden bij het bankroet van Griekenland – waarbij ze actief meehielpen aan het verdoezelen van de schuld die dat land had – ligt veel mensen zwaar op de maag.

Ook zijn er banden tussen de financiële instelling en bijna alle centrale banken en regulatoren in de wereld. Ook Europese toppolitici hebben korte verbinding met de bank. Namen die hier naar voren komen zijn Mario Draghi, Manuel Barroso, Otmar Issing en Karel van Miert. De financiële instelling heeft op zijn minst een imagoprobleem.

Trumps eigen taal

Trump zelf had harde kritiek op dat vlak en gaf een speech over internationale banken en hun invloed. Stevige uitspraken werden niet geschuwd: “Hillary Clinton meets in secret with international banks to plot the destruction of U.S. sovereignty in order to enrich these global financial powers, her special interest friends and her donors,” en “This election will determine if we are a free nation or whether we have only the illusion of democracy, but are in fact controlled by a small handful of global special interests rigging the system, and our system is rigged.”

(“Hillary Clinton smeedt samen met internationale banken complotten om de soevereiniteit van de VS te vernietigen. Dit om de mondiale financiële machten, belangen en haar vriendjes te verrijken.” en “Deze verkiezingen zullen bepalen of we een vrij land zijn of dat we enkel leven in de illusie van een democratie, feitelijk gecontroleerd door een klein aantal belangengroepen die het systeem manipuleren en oplichten.”)

Het is dan ook de vraag of president-elect Trump zijn retoriek zal kunnen omzetten in een duidelijke ommezwaai. Voor buitenstaanders is het momenteel gissen. Voor de afhandeling van z’n eigen financiële banden zal hij 15 december met een verklaring komen, ook daar bestaan er immers heel wat potentiële politieke en zakelijke conflicten.

Sommigen stellen dat stropers de beste boswachters kunnen worden, maar het leidt weinig twijfel dat velen, ook Trump-steuners, extra waakzaam zullen omtrent het presidentschap van Trump.