Na weken onderhandelen, werd het akkoord van Dayton ondertekend, twintig jaar geleden. Het belangrijkste doel werd gerealiseerd: aan de Bosnische oorlog kwam een einde. Jammer genoeg is de politieke oplossing die toen bedacht werd, onwerkbaar gebleken. Vrijwel elke waarnemer is het erover eens dat ‘iets’ moet gebeuren. Maar of die consensus zich vertaalt in initiatieven met voldoende slag- en slaagkracht is nog maar de vraag.  

Het formele einde van de oorlog in Bosnië kan aan twee data gekoppeld worden: het moment dat een akkoord werd bereikt op de Amerikaanse luchtmachtbasis van Dayton op 21 november 1995, of de formele ondertekening ervan, wat later, op 14 december in Parijs. Een punt van discussie is dit niet, aangezien voor de herdenking van het conflict de strijdende partijen elk zo hun eigen versie van de feiten hebben.

In beginsel is 21 november een vrije dag in de Republika Srpska. De Bosnische moslims vieren dan weer 25 november, de dag dat in 1943 (het moderne) Bosnië door partizanen in het leven werd geroepen. De Serviërs herdenken ook 9 januari, de dag dat Bosnië versneden werd met als doel een Groot-Servië tot stand te brengen. Die viering werd door het Bosnisch Grondwettelijk Hof vernietigd wegens discriminerend naar katholieken en moslims toe; een beslissing waar de Serviërs zich geen moer van aantrokken.

Moordpartijen

Onenigheid is er niet enkel over het einde van het conflict, ook over… het begin. Voor de Serviërs was dit een moordpartij op een Servisch huwelijksfeest in maart 1992. Bosnische moslims en Kroaten zien dan weer een andere moordpartij, enkele weken later, als het formele moment van ontketening. Doden worden geëerd, maar enkel de eigen doden. Zo verbieden de autoriteiten in Prijedot (Republika Srpska) steevast een herdenking van overleden – merendeels – moslimkinderen.

We zouden nog een poos kunnen doorgaan met het aanhalen van dergelijke voorbeelden. De essentie van deze anekdotiek is dat die erg typerend is voor de manier waarop de ‘Bosniërs’ twintig jaar na het einde van de oorlog met elkaar omgaan. Het Dayton-akkoord heeft zonder meer de verdienste een einde te hebben gemaakt aan het geweld, maar een functionerende, laat staan een harmonieuze, staat heeft dat niet tot stand gebracht.

Twintig jaar is het geleden. Wat voor de Bosniërs één van de belangrijkste plaatsen van de VS is, kunnen vele Amerikanen zelfs niet op een kaart terugvinden. Een afgelegen luchtmachtbasis in Dayton, ergens in Ohio. Die plek heeft een groots verleden in de luchtvaart (de gebroeders Wright vlogen er) en zelfs de ruimtevaart, maar toen de strijdende partijen er aan tafel aanschoven, was van die glorietijd nog maar weinig te merken. Het afgelegen karakter van de basis was net de reden waarom Tudjman, Milosevic en Izetbegović er als het ware opgesloten werden. Het was de Amerikaanse diplomaat Richard Holbrooke die aan de basis van de ontmoeting lag. Gefascineerd door het verhaal van Camp David, waar Israël en Egypte in 1979 hun historische vrede sloten, belde hij vlak voor Dayton nog met Jimmy Carter om de geheimen van het succes te achterhalen. Afzondering was belangrijk, zei de ex-president. En zo geschiedde. De omgeving in Dayton was kil en militair, en het eten was sober, de volle drie weken dat de gesprekken duurden. Holbrooke was de onbetwiste toneelmeester, in die mate dat het zelfs tot spanningen tussen de ‘westerse’ diplomaten kwam. De Amerikanen vonden dat de Europeanen vooral hun best deden de gesprekken te doen mislukken, met als gevolg dat ze enkele vernederingen voorgeschoteld kregen. Zo was er een clash toen het hoofd van de Franse delegatie door een snuffelhond onderzocht moest worden. Hij weigerde, “in naam van de waardigheid van Frankrijk”.

De essentie is dat een oplossing uit de bus kwam. Letterlijk en figuurlijk werden lijnen getrokken waar de partijen zich aan hielden. Er werd ook een staatkundige constructie opgezet, “zo complex als de Belgische”, merkte een diplomaat toen op. Jammer genoeg werkt ze nog slechter dan dit “apenland” (dixit Mark Eyskens). We besparen u de details, maar het is een verhaal met honderden mandatarissen, tien kantons, de neutrale stad Brčko en ergens een corridor. Alles werd laat op een avond, met een fles whisky op tafel, beslist. Positief aan Dayton is dat het geweld stopte. Negatief is dan weer dat een onwerkbare constructie tot stand werd gebracht; geen mens die dit na twee decennia kan betwisten.

Banja Luka

Critici zijn er altijd geweest. Er was een alternatief, benadrukken ze, zij het niet zonder risico’s. We schrijven de herfst van 1995. Mee dankzij NAVO-steun waren de militaire kansen gekeerd. Een offensief werd ingezet en indien dat niet voortijdig afgeblazen zou zijn geweest, was de enige stad van belang in de Republika Srpska, Banja Luka, gevallen. Wellicht zou dat de positie van Milosevic in Belgrado hebben doen wankelen, waardoor mogelijk de oorlog van Kosovo vermeden had kunnen worden. Maar laten we de contrafactuele geschiedschrijving laten we voor wat ze is.

Hamvraag is hoe het verder moet. De dysfunctie van de staat zorgt voor een nog steeds belabberde economie. Op zich is de diplomatieke consensus dat het zo niet verder kan, alleen ontbreekt het aan concrete initiatieven om het woord bij de daad te voegen. Militair gesproken was Dayton een succes, doch politiek een mislukking. Naar aanleiding van de twintigste verjaardag van het akkoord werd een metalen koker gevuld met boodschappen van hoop en verwachtingen. Velen wensen vrede, maar vaak ook verbeterde levensomstandigheden. Bedoeling is die koker over vijftien jaar te openen en na te gaan wat gerealiseerd werd. Op naar de 35ste verjaardag van de Dayton-akkoorden.