Staatsveiligheid mocht maandenlang wettelijk geen wapen dragen omwille van een slordigheid bij het opstellen van een nieuwe KB waarbij de toelating werd verwijderd. Bij ontdekking van de fout, moest Staatsveiligheid enkele schaduwoperaties met groot risicoprofiel terugschroeven. Dat schrijft De Standaard.

Het gebrek aan een juridisch kader voor wapendracht stelde zich bij de ‘buitendiensten’ van Staatsveiligheid. Deze diensten zijn verantwoordelijk voor het afluisteren van bepaalde verdachten, ze te volgen enzoverder. Het gaat hierbij voornamelijk om hoge risicoprofielen zoals terugkeerde ‘Foreign Terrorist Fighters’ (Syriëstrijders), radicale moslims en dergelijke meer.

Wegens het grote risico wordt bij zo’n opdrachten bij voorkeur een wapen gedragen. Maar wegens een slordigheid van de regering, was wapendracht bij Staatsveiligheid van eind mei vorig jaar tot gisteren 8 februari niet meer wettelijk.

Operaties teruggeschroefd

Omwille van deze belemmering weigerden een aantal van de buitendiensten bepaalde veldopdrachten nog te doen wegens te risicovol. Schaduwen van verdachten werd daarbij sterk verhinderd alsook werden schietoefeningen geannuleerd.

Het probleem werd ‘al’ begin februari ontdekt. Hierop kwam de ministerraad in spoed bijeen om middels een Koninklijk Besluit (KB) de situatie recht te trekken en opnieuw een wettelijk kader te scheppen dat Staatsveiligheid toelaat om wapens te dragen.

Ingrid Van Daele, woordvoerster van de Staatsveiligheid zei aan De Standaard dat “de situatie voor ons vervelend [was]. Voor onze mensen kon ze niet snel genoeg worden rechtgezet. Dankzij het KB van wijziging is dat nu gebeurd. Dit heeft geen impact gehad op de veiligheid van de burgers.

Nochtans is het opvolgen van potentieel gevaarlijke verdachten door de slordigheid wel tijdelijk teruggeschroefd moeten worden, hetgeen op zijn minst een verhoogd risico inhield. Het is ook niet duidelijk of er sprake is van gemaakte procedurefouten in de periode alvorens de fout ontdekt werd. Het gaat om een periode van maar liefst negen maanden waarbij Staatsveiligheid onwettelijk wapens droeg alvorens de ontdekking.

Verhuis

Het probleem stelde zich door het verhuizen van dienst ‘protectie’. Dat zijn in feite lijfwachten (‘beschermingsassistenten’) die veelal instaan voor de beveiliging van politici. Deze dienst verhuisde van Staatsveiligheid naar de federale politie. Een KB regelde de hele transfer na lange en moeilijke onderhandelingen.

Maar één van de bepalingen in die KB annuleerde per abuis de toelating om een wapen te dragen voor de gehele Staatsveiligheid. Wie een wapen mag dragen is exhaustief bepaald in een andere KB (daarin is het leger, de politie, bepaald gevangenispersoneel, douaniers, boswachters en nog wat beroepen opgenomen). Normaliter stonden dus ook de buitendiensten van Staatsveiligheid opgesomd in dat lijstje, maar de verhuis-KB had dus de buitendiensten ervan geschrapt.

Eerder dit jaar kondigde Justitieminister Koen Geens (CD&V) soepelere regels aan omtrent het gebruik van informanten in Staatsveiligheid.