De bakermat van één van de eerste beschavingen staat opnieuw centraal in een belangrijk regionaal conflict. Naast bijrollen voor Afghanistan en China zetten vooral Pakistan en India hun stukken klaar in een geopolitiek spel rond de Indusvallei. De watervoorziening van vooral Pakistan staat daarbij centraal en vormt al 75 jaar de inzet van de twist. Toch bleven zware aanvaringen eerder uit omwille van een relatief succesvol waterverdrag uit 1960: “Indus Water Treaty” (IWT). Maar het wateroppervlak lijkt de laatste maanden meer dan één rimpel te vertonen. India maakt aanstalten om het verdrag eenzijdig op te zeggen, Pakistan steigert. Vandaag spreken beide partijen opnieuw sinds lange tijd.

Indus Water Treaty

Sir Cyril Radcliffe slaagde er in 1947 niet in om de grenzen tussen Pakistan en India vast te leggen. Althans, dat lukt niet zonder grote conflicten te starten. Het falen van de nagenoeg onmogelijke opdracht had in de nasleep gigantische vluchtelingenstromen en honderdduizenden doden tot gevolg. Vooral de verdeling van de provincie Punjab – letterlijk “vijf rivieren” – creëerde de belangrijkste beroering. Geostrategisch was deze graanschuur van het subcontinent dan ook bijzonder belangrijk.

Na het vastleggen van de grenzen zaten zowat alle brongebieden van het Indus-stromengebied ofwel in India, ofwel gaan ze voor een groot deel door India. Uiteindelijk komen de rivieren terecht in het gigantische irrigatiegebied dat door de Britten werd uitgebouwd – het grootste ter wereld – in Pakistan. Een initieel ‘Inter-Dominion’-akkoord uit 1948 had tot doel om de meest urgente, korte termijnproblemen op te lossen. Uiteindelijk was het bemiddeling van de Wereldbank die zorgde voor een ‘IWT’-akkoord (Indus Waters Treaty) in 1960.

Dispuut over waterkrachtcentrales

Het huidig dispuut draait voornamelijk om verschillende waterkrachtcentrales die de doorstroming van water naar Pakistan verhinderen, zoals de Kishangangadam, de Pakal Duldam en het Ratle-project. Nawaz Sharif (de premier van Pakistan) ziet dit als een directe inbreuk op het IWT. Evenwel, Narendra Modi (premier India) blijft bij zijn standpunt dat het water toch enkel in de oceaan vloeit. Volgens India is de lagere doorstroming beperkt. In tegendeel, een aanpassing aan het IWT dringt zich op. Pakistan probeert – niet geheel zonder succes – zijn gelijk te halen bij de Wereldbank, de Verenigde Naties en het Hof van Arbitrage in Den Haag.

India’s steun aan Afghaanse bouwprojecten op de Indus zorgen voor extra escalatie. Meteen brengt de stevige houding van India ook zenuwachtigheid bij andere landen met gelijkaardige waterverdragen zoals Bangladesh en Nepal. Bovendien bestaat de vrees dat China in een reactie de watertoevoer naar India zou blokkeren. Daarnaast bemoeilijken interne problemen in zowel India als Pakistan de situatie. Zo maken ook de Indiase deelstaten Haryana en Punjab ruzie over dezelfde problematiek.

Naar een oplossing gaan dan maar? Wellicht zal India haar positie wel enigszins bijsturen, althans voor de toekomstplannen. Anderzijds is Modi’s boutade “het water vloeit toch maar in de oceaan” niet zo banaal. Ondanks bouwwerken als de Tarbeladam heeft Pakistan de laatste decennia onvoldoende geïnvesteerd in waterbeheersing en efficiënte aanwending in de landbouw.

Onderhandelingen starten opnieuw maandag 20 maart

Belangrijke grensconflicten lagen zes maand geleden mee aan de basis van de opschorting van de gesprekken over het IWT. De dialoog wordt 20-21 maart opnieuw hervat in Lahore (Pakistan), maar er gaan ook stemmen op om China en Afghanistan nauwer te betrekken. De uitkomst van de komende gesprekken kunnen alvast een belangrijke stap betekenen in zowel goede als minder goede zin.