Na zijn voorzitterschap van UBCNA (Union Belge Contre les Nuisances des Avions) is Philippe Touwaide sinds 2002 actief als ombudsman tegen de geluidsoverlast van de luchthaven van Zaventem. Echter zit Touwaide te veel in met het welzijn van het oosten en zuiden in het Brusselse, volgens de N-VA. Het noorden, de provincie Vlaamse-Brabant dus, wordt in zijn voorstellen benadeeld, stelt onder meer Inez De Coninck (N-VA).

Ondanks overtuigd te zijn van zijn correcte en interactieve manier van werken, beschuldigen bewoners en belangenorganisaties hem er al sinds lang van een uitgesproken politieke kleur te hebben. Die zou in zijn beleid en voorstellen naar boven komen. Hijzelf zou slechts een middel zijn geweest van de toenmalige regering om de mensen te sussen. Naast zijn functie als ombudsman maakte Touwaide deel uit van de kabinetten van cdH’ers Joëlle Milquet en van voormalig staatssecretaris voor mobiliteit Melchior Wathelet.

“Een persoonlijke agenda”

In 2014 kwam de man al in opspraak, omdat hij er onder andere op toezag dat de meer welgestelde regio’s in het Brusselse gevrijwaard bleven van geluidsoverlast. Eind 2016 ontstond andermaal commotie rond de man na zijn voorstel voor een vierde landingsbaan in het zuiden van Vlaams-Brabant om de geluidshinder te verhelpen. Op het idee kwam al snel kritiek vanuit verschillende hoeken. Onder andere Kurt Ryon (N-VA-burgemeester van Steenokkerzeel) die de bijkomende geluidsoverlast in zijn gemeente niet ziet zitten, Peter Van Biesbroeck (algemeen directeur van VOKA Vlaams-Brabant) en Inez De Coninck (parlementslid voor N-VA) hebben kritiek.

“Als hij de kaart van een of meerdere actiecomités wil spelen, dan moet hij er maar voor gaan werken.”

Volgens De Coninck toont Touwaide niet de neutraliteit die van een ombudsman verwacht wordt: “Als hij de kaart van een of meerdere actiecomités wil spelen, dan moet hij er maar voor gaan werken”. Aan de telefoon verkondigde De Coninck dat zijn aanwezigheid op bijeenkomsten van verschillende actiegroepen tegen de luchthaven niet goed kan zijn, omdat zijn partijdigheid de onderhandelingen over onder andere de geluidsoverlast bemoeilijken. Volgens De Coninck zou onder Touwaide zijn invloed de last worden afgeschoven op Vlaanderen ten voordele van Brussel. Ze vreest dat uiteindelijk de luchthaven in zijn geheel in het gedrang komt, wanneer niet met serieuze voorstellen wordt afgekomen. Ook het steeds maar de oostelijke regio bevoordelen ten nadele van de noordelijke is volgens het kamerlid nefast voor de relaties tussen de verschillende partijen.

Phillippe Touwaide zelf was niet bereikbaar voor commentaar. Touwaide heeft ook elders in de media niet formeel gereageerd op de heisa rond zijn persoon en zijn voorstellen.

Peter Van Biesbroeck treedt De Coninck bij. Volgens Van Biesbroeck ontstaat de indruk dat Touwaide zich aan een persoonlijke agenda houdt door voorstellen te doen die al eerder van tafel zijn geveegd. Van Biesbroeck vraagt zich verder nog of Touwaide wel inzit met het algemeen belang en bereid is tot overleg.