De Syrische burgeroorlog is zijn zesde jaar ingegaan, na al deze jaren van vernieling en geweld blijft er een land achter dat compleet in puin ligt, verscheurd in verschillende machtsgebieden. En toch lijkt er nu licht te schijnen aan het einde van de tunnel.

Dat IS op haar laatste wankele benen staat was al geweten. In Irak is de terreurbeweging de laatste maanden in sneltempo gebied aan het verliezen. De neerwaartse spiraal is zelfs zo ernstig dat de grootste stad in IS-handen, Mosoel, nu belaagd wordt langs alle flanken. Zij die het instorten van de Sovjet Unie meemaakten zullen waarschijnlijk een déja vu hebben. Dat wat ooit zo sterk en permanent leek blijkt nu een reus op lemen voeten te zijn geweest. De val van IS in Irak is slechts de prelude van wat komen zal in Syrië. Zowel Koerdische milities en hun Arabische bondgenoten als de rebellengroeperingen gesteund door Turkije (Operatie Euphrates Shield) vechten om zoveel mogelijk territorium van het eens zo machtige kalifaat.

In de woestijnstad Palmyra behaalde IS zojuist nog een overwinning op het Syrische leger maar strategisch is het belang daarvan nog af te wachten. De gasvelden die er aan grenzen zijn in vele gevallen niet langer operatief en de vraag is maar of economische meevallers het tij zullen keren. Echter, terwijl we hier in het westen vooral onze focus leggen op wat er in het oosten van Syrië (en het noorden van Irak) gebeurt, zien we bijzonder interessante ontwikkelingen in het westen van het land.

Tot voor september 2015 hadden het Syrische leger en haar bondgenoten alle moeite van de wereld om de enorme lengte van de frontlinies te bemannen en in bezit te houden. (Westelijk) Aleppo leek een vogel voor de kat, Idlib viel in handen van rebellengroeperingen en Damascus stond onder zware druk. Toen ook Latakia, de thuishaven van de Alawieten waartoe ook Assad behoort, onder druk kwam te staan, grepen de Russen op 30 september 2015 in. In Latakia hebben zij immers een luchtmachtbasis en een vlootbasis te beschermen.

De toestand in Syrië begin 2014, weergegeven door De Ideale Wereld.

Sinds die bewuste ingreep zijn de rollen gekeerd. Russische luchtondersteuning, een constante toevloed van sjiitische milities gesteund door Iran en de uitbouw van capabele stoottroepen (de zogenaamde Tiger Forces) hebben van 2016 een heus overwinningsjaar gemaakt voor de Syrische loyalisten.

De meeste vooruitgang werd geboekt om en rond de hoofdstad Damascus. Het platteland en de voorsteden waren daar een lappendeken van rebellenenclaves. Een dergelijke bedreiging indammen rond de hoofdstad is een bijzonder manschap intensieve bezigheid, en het legde een zware last op ieder offensief of defensief op andere fronten. 2016 bracht echter verandering, doorheen het jaar verdween de ene enclave na de andere. Eerst Darayya, daarna Westelijk Ghouta, dan Al-Tal en momenteel staat zelfs de grote enclave van Oostelijk Ghouta met de belangrijke stad Duma onder zware druk. Het mag duidelijk zijn, de eindoverwinning wenkt voor Assad in en rond Damascus. Ooit, in een haast vergeten verleden, één van de broeihaarden van de revolutie.

Het verdwijnen van de enclaves en het transport van overgebleven rebellen naar ‘de veilige haven’ van Idlib in de ondertussen al iconische groene bussen zorgt ervoor dat er steeds meer manschappen vrijkomen voor Assad om in het offensief te gaan in het noorden van het land. De benarde situatie voor de regeringstroepen en de 1,3 miljoen inwoners van westelijk Aleppo was reeds in 2015 omgezet naar een status quo dankzij een bijzonder bloedig regeringsoffensief. Het status quo in Aleppo was haast een artistieke verbeelding van de chaos in het land. Westelijk en oostelijk Aleppo grepen in elkaar als een Yin-Yang-symbool. Een spiraal van geweld met de eeuwenoude citadel als dramatisch brandpunt. Homerus had de setting kunnen bedenken.

Deze dagen van status quo zijn nu echter ook voorgoed voorbij. In de zomer van 2016 brak het regeringsleger door op de noordelijke as en sneed zo oostelijk Aleppo af van versterkingen uit Idlib. Tot tweemaal toe trachtten de rebellen deze belegering te breken maar net zoals in het Alesia van Vercingetorix bleken dit tevergeefse pogingen… en bijzonder kostelijk. Kort na de tweede poging werd het licht op groen gezet voor de verzamelde regeringstroepen en hun bondgenoten om het oostelijke stadsdeel in te nemen. Wie dacht dat de rebellen anno 2017 nog zouden ‘vieren’ aan de voet van de citadel is er ondertussen ook aan voor de moeite. Begin december, na een offensief van slechts een anderhalve week is de rebellenenclave gereduceerd met 85%. Slechts enkele versterkte wijken resten hen nu nog.

Net zoals in Damascus wenkt in Aleppo de eindoverwinning voor Assad. Willen de rebellen ooit nog een kans maken om het tij te keren dan zal er snel iets bedacht moeten worden. Het verdwijnen van enclaves over heel het land zorgt immers voor een domino-effect waarbij Assad steeds meer manschappen vrij heeft om een steeds kleiner wordende frontlinie te versterken.

Assad heeft ondertussen – met uitzondering van Idlib – alle belangrijke steden in het westen van het land in handen. Is deze uitgangspositie voor hem genoeg om onderhandelingen aan te gaan? Is het verlies van zowel de hoofdstad als de economische hoofdstad voor de rebellen een signaal om de wapens stilaan neer te leggen? Het is allemaal erg twijfelachtig. Misschien wel interessanter is wat Turkije, Rusland, Iran en de VS zullen doen. Eén ding is alvast zeker, als de trend van 2016 zich gewoon verderzet in het komende jaar, dan viert president Assad 2018 vanuit Idlib…