Misschien herinnert u zich dit merkwaardige verhaal nog. In 2010 vroegen acht Roemenen een Europese landbouwsubsidie aan voor het beheren van een koeienboerderij. In drie jaar tijd streken ze liefst 500.000 euro op.

Dat geld gebruikten ze wel voor fictieve koeien! De EU eiste het geld vervolgens terug. Voor iedere koe kende de EU hen 100 tot 150 euro toe. In totaal kwamen de Roemenen via 1.860 virtuele koeien dus aan een half miljoen euro Europees subsidiegeld. De Roemenen werden aangemaand dat geld terug te betalen, omdat de subsidie enkel kon voor echte koeien. Drie van de acht ‘virtuele’ boeren hebben echter bezwaar aangetekend. Zij beweren immers dat de EU in de subsidievoorwaarden nergens vermeldt dat het geld enkel voor echte koeien mag dienen.

OLAF

Het (echt gebeurde) verhaal over die Roemeense fraudeurs toont aan dat het opsporen van fraude en gesjoemel in Europa noodzakelijk is. De EU gaf in 2014 zowat 144 miljard euro uit. Het grootste deel ging naar diverse subsidies en toelages. Maar er werd ook lustig gesjoemeld en gefraudeerd. Maar liefst 901 miljoen euro aan Europees geld moet weer terug naar de Europese kas omdat er fraude mee is gepleegd. Dat stelt het Europees bureau voor fraudebestrijding, OLAF, in zijn jaarverslag 2014.

Hoogste bedrag in vijf jaar

Het gaat om het hoogste bedrag in de afgelopen vijf jaar. OLAF ontdekte fraude bij Europese fondsen voor regionale ontwikkeling (476,5 miljoen euro) en bij hulp voor niet-Europese landen (174 miljoen), maar ook bij de sector douane en handel (132,2 miljoen) en bij de Europese steun voor de landbouw (75,9 miljoen). Het is vervolgens wel aan de betrokken Europese of nationale autoriteiten om het geld terug te halen. (En dat is een zwak punt in deze fraudebestrijding.) OLAF ontving in 2014 ook een recordaantal beschuldigingen van mogelijke fraude, namelijk 1.417. Het bureau opende 234 onderzoeken, maar wees ook (terecht of onterecht) ruim duizend klachten af.

Meeste informatie van Roemenen

In het vuistdikke rapport van OLAF lezen we dat België veel tips over fraude geeft. Ons land gaf liefst 53 informatiemeldingen over mogelijke fraude, 28 van ‘publieke’ aard (overheden) en 25 van ‘private’ aard (particulieren en bedrijven). Die 28 meldingen van publieke aard zijn overigens het hoogste aantal van alle Europese landen. Andere landen zijn heel wat minder ijverig. Zo gaf Estland geen enkele tip door! Verrassend genoeg kwam er ook vanuit Zweden geen enkele melding van fraude. Slovenië gaf nauwelijks 3 meldingen door.

De meeste tips kwamen uit Roemenië. Uit ‘private’ bron kwamen er liefst 73 meldingen binnen bij OLAF. En ook de Roemeense overheid bond de kat 6 keer de bel aan.

Ook Polen was ijverig, met 52 meldingen. En Spanje staat in de top 5 met 56 tips, vooral vanuit ‘private’ bronnen. Het kan bijvoorbeeld gaan om een landbouwer die zijn collega verklikt omdat deze onterecht subsidies ontvangt.

234 nieuwe onderzoeken

Die tips leidden vervolgens tot 234 nieuwe concrete onderzoeken. Vorig jaar werden ook 156 onderzoeken afgerond. Bovenaan qua fraude staat – niet erg verrassend – Roemenië met liefst 36 afgeronde fraudedossiers. Hongarije staat op plaats 2 met 13 concrete fraudegevallen. En Bulgarije op drie met 11 gevallen. Ons land heeft slechts 1 fraudegeval.

Actie op nationaal niveau

Een zwak punt is dat de door de lidstaten zelf concrete actie genomen moet worden. (De Europese Commissie streeft overigens wel naar een Europees strafrechtsysteem.) OLAF publiceert hierover een erg interessante statistiek (te vinden op de webstek van de dienst). Zo lezen we dat er in België in 2014 van de 45 mogelijke fraudegevallen aangebracht door OLAF 28 concrete beslissingen volgen die vervolgens leiden tot 17 veroordelingen. Dat is 61 procent (17 op 28). Het gemiddelde van alle landen ligt op 53 procent.

Niet alle landen zijn dus even ijverig. Letland, Finland, Cyprus, Ierland en Denemarken halen 0 procent!

Goede score voor Italië

Aanbevelingen doen is goed, maar als de lidstaten niet tot veroordelingen komen, dan heeft het weinig zin.

Verrassend genoeg haalt Italië hier een goede score. In de 41 fraudedossiers werden liefst 32 veroordelingen vastgesteld. Dat is een score van 78 procent.

Griekenland slaagde er zelfs in om in de 11 dossiers in 2014 alle betrokkenen te laten veroordelen. Ook Malta haalde een succesgraad van 100 procent voor 4 dossiers.

In Roemenië daarentegen werden slechts veroordelingen uitgesproken in 30 procent van de gevallen (16 op 53 dossiers). Roemenië spant opnieuw de kroon met die 53 concrete fraudeprocessen in 2014.

Vooral Belgen bij OLAF

OLAF werd in 1999 opgericht en heeft inmiddels al 3.500 onderzoeken gevoerd, waardoor meer dan 1,1 miljard euro teruggevorderd werd ten bate van het EU-budget.

In totaal werden (door de diverse Europese landen) voor 900 jaar gevangenisstraffen uitgesproken. Bij OLAF werken liefst 73 Belgen. Dat is opmerkelijk. Er zijn ook 49 Italianen en 34 Fransen. In totaal werken er 421 mensen.

Land van Ooit

Een ander dossier waarin OLAF een grote rol speelde, was het pretpark Land van Ooit. In 2011 vermoedde OLAF (na een tip) gesjoemel met Europese subsidies bij de bouw van het geflopte pretpark in Tongeren. Het megaproject rond het pretpark was jarenlang het troetelkind van de huidige Tongerse burgemeester, Patrick Dewael (Open Vld). Olaf voerde gedurende maanden in alle discretie een onderzoek naar de manier waarop 1,5 miljoen euro subsidies van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) toen in Limburg werd besteed. Het pretpark is de grootste toeristische mislukking die Vlaanderen ooit gekend heeft. Toen het Romeinse themapark op 28 augustus 2007 de deuren moest sluiten, was het welgeteld 74 dagen open geweest. Het bezoekersaantal bleef al die tijd ver onder de verwachtingen.

Fraude bij structuurfondsen

Het EFRO is één van de Europese structuurfondsen. Het fonds is bedoeld om de belangrijkste economische onevenwichtigheden tussen de Europese regio’s terug te dringen. Hiermee sluit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling aan bij de doelstellingen van het Europese regionale beleid. Om deze doelstellingen te bereiken, financiert het fonds programma’s voor de ontwikkeling en structurele aanpassing van achtergebleven regio’s en voor de omschakeling van regio’s met afnemende industriële activiteit. Wat betreft de ‘meer ontwikkelde’ regio’s binnen de EU, zoals ons land en Nederland, richt het fonds zich onder meer op het versterken van de regionale concurrentiekracht en het vergroten van de werkgelegenheid.

Mogelijke fraude

De speurders van OLAF vertellen dat mogelijke fraude op verschillende manieren kan plaatsvinden.

Het opzettelijke manipuleren van financiële overzichten, bijvoorbeeld, met onjuiste opgave van inkomsten staat bovenaan. Ook het wederrechtelijk ontvangen van materiële of immateriële activa (bijvoorbeeld frauduleuze onkostenvergoedingen). Op drie staat corruptie (bijvoorbeeld omkoping, manipulatie van aanbestedingsprocedures, verzwegen belangenverstrengeling, verduistering).

Techniek

Volgens OLAF is het opsplitsen van aankopen een verleidelijke techniek voor fraudeurs. ‘Medewerkers van de aanbestedende dienst kunnen een aankoop opsplitsen in twee of meer kooporders of opdrachten, teneinde mededinging of beoordeling door hogere leidinggevenden te vermijden.’

Ter illustratie: als de drempel 250.000 euro is, dan kan een enkele aankoop van goederen en diensten ter waarde van 275.000 euro worden opgesplitst in twee opdrachten (één voor de goederen ter waarde van 150.000 euro en één voor de diensten ter waarde van 125.000 euro), om een aanbestedingsprocedure te voorkomen. Het opsplitsen van aankopen (vaak aangeduid met ‘salamitactieken’) kan wijzen op corruptie of andere fraudesystemen door een inkoopmedewerker.

Verkeerde kosten in rekening brengen

Een andere fraudetechniek is verkeerde kosten in rekening te brengen. OLAF: ‘Een aannemer kan fraude plegen door opzettelijk kosten in rekening te brengen die niet geoorloofd of redelijk zijn, of die niet direct of indirect aan een opdracht kunnen worden toegewezen. De arbeidskosten kunnen gemakkelijker verkeerd gefactureerd worden dan die voor materialen, omdat arbeidskosten theoretisch bij iedere opdracht in rekening kunnen worden gebracht. De arbeidskosten kunnen gemanipuleerd worden door het maken van fictieve tijdkaarten, het wijzigen van tijdkaarten of ondersteunende documentatie of door eenvoudigweg te hoge loonkosten in rekening te brengen zonder ondersteunende documentatie.’

Valse, buitensporig hoge of dubbele facturen

Ook valse, buitensporig hoge of dubbele facturen zijn een plaag. OLAF: ‘Een aannemer kan bewust valse, buitensporige hoge of dubbele facturen indienen. Hij kan hierbij alleen handelen of samenspannen met medewerkers van de aanbestedende dienst door middel van corruptie.’

Kritiek op OLAF

OLAF verricht doorgaans goed werk. Laat dat duidelijk zijn. Toch is er ook kritiek. Een rapport van het Toezichthoudend Comité is niet mals: OLAF is niet transparant over de kwaliteit van zijn onderzoeken en geeft al helemaal geen duidelijke informatie over de criteria die aan de basis van anti-fraudeonderzoeken ten grondslag liggen.

Volgens Europees Parlementslid Dennis de Jong (SP), een Nederlander, is het al jaren hommeles tussen OLAF en zijn eigen Toezichthoudend Comité.

In het jaarrapport over 2014 van het Toezichthoudend Comité wordt een boekje opengedaan over het disfunctioneren van OLAF. De Jong: ‘Er zou worden gesjoemeld met cijfers over het aantal onderzoeken dat OLAF uitgevoerd heeft (dat zijn er volgens het Comité veel minder dan OLAF zelf aangeeft), maar misschien nog erger: OLAF is volstrekt niet transparant over de criteria voor het starten van een onderzoek. Zo bleek dat maar liefst 423 zaken op één dag waren gestart en dat van al die zaken er maar 10 procent leidden tot aanbevelingen om nationaal een vervolgonderzoek te starten. In negen van de tien gevallen zijn mensen dus ten onrechte verdacht van fraude met alle nare gevolgen van dien.’

De strijd tussen politieke partijen

Een ander zwak punt van OLAF is dat het ingezet wordt in de strijd tussen politieke partijen. Enkele maanden geleden heeft het Europees Parlement aan het Europese antifraudebureau OLAF een dossier overgemaakt over ‘financiële onregelmatigheden’ die door de Franse extreemrechtse partij FN zouden begaan zijn. De zaak gaat over lonen die uitbetaald werden aan parlementaire medewerkers. Er zouden lonen uitbetaald zijn aan twintig assistenten die vermeld worden in het organigram van het Front national en die binnen de partij ook politieke verantwoordelijkheid lijken te dragen, hoewel ze volgens het parlement ‘noodzakelijkerwijs en rechtstreeks moeten werken in functie van de uitoefening van het parlementaire mandaat van de Europese afgevaardigden’. Hoe de vork precies aan de steel zit, zal binnenkort duidelijk moeten worden. Zeker is dat iedereen aanvoelt dat dit onderzoek een manier is om het FN politiek te treffen. Dat hebben we in ons land ook al eens meegemaakt.