Enkele jaren geleden publiceerde Wikileaks enkele onthullende telexen over de klimaatconferenties. In één van die berichten – over een ontmoeting tussen VS-ambassadeur Gutman en voorzitter van de Europese Raad Herman van Rompuy op 23 december 2009 – laat deze laatste zich zeer negatief uit over de resultaten van de klimaatconferentie COP15 in Kopenhagen en die in Cancún (COP16). De telexen bewijzen dat er heel wat interne frustratie bestaat over die jaarlijkse hoogmis van de VN.

Iedereen naar Parijs

Ook dit jaar komen de klimaatexperts samen. Van 30 november tot en met 11 december vindt in Parijs de eenentwintigste jaarlijkse klimaatconferentie van de Verenigde Naties plaats: COP21. COP staat voor Conference of Parties. Hierbij komen alle partijen bijeen die deel uitmaken van het UNFCCC (United Nations Framework Convention on Climate Change), het klimaatverdrag van de Verenigde Naties.

De conferentie heeft zelfs al een officieel Twitter-account: @COP21. En ondanks het feit dat de conferentie nog niet eens begonnen is, zijn er al 713 tweets (berichten).

Meer dan 20.000 deelnemers

Het is nauwelijks te bevatten, maar Frankrijk verwacht eind dit jaar meer dan 20.000 geaccrediteerde VN-deelnemers uit liefst 196 landen! Tijdens de conferentie zou door alle deelnemende partijen een nieuw klimaatverdrag ondertekend moeten worden. Tijdens de klimaatconferentie in Lima eind 2014 hoopten de partijen al tot een conceptversie van het klimaatverdrag te komen. Het nieuwe klimaatverdrag moest dan in 2020 ingaan, wanneer het huidige verdrag afloopt.

Lima

De klimaatconferentie in Lima heeft echter niet tot de gewenste resultaten geleid. Alle deelnemende landen moeten bij de VN ook plannen indienen om de eigen CO2-uitstoot in te perken. Dat hoeven echter geen concrete plannen te zijn. Er komen dus geen internationaal bindende emissiereductiedoelstellingen. Verschillende milieuorganisaties spreken dan ook van een zwak en inefficiënt compromis.

Ook Facebook

Vandaag worden door alle partijen ook de sociale media ingeschakeld. Er is niet alleen Twitter. Op Facebook vinden we bijvoorbeeld de groep ‘Wij gaan naar de klimaattop in Parijs 2015’. Een bericht van de groep spreekt boekdelen en legt de echte agenda van die deelnemers bloot: ‘De strijd tegen klimaatverandering = de strijd tegen fossiele brandstoffen. Die gewoon in de grond moeten blijven.’

Povere resultaten

Niet alleen Herman van Rompuy was ontgoocheld. Op 11 februari dit jaar was er in de Commissie voor Volksgezondheid, Leefmilieu en Maatschappelijke Hernieuwing van de Kamer een interessant debat.

Federaal minister Marghem (Energie, Leefmilieu en Duurzame Ontwikkeling) gaf er openlijk toe dat de vorige klimaatconferentie, COP20 in Lima, ‘niet gemakkelijk’ was geweest. ‘De besprekingen waren vaak intens en illustreerden zodoende de verschillen die nog steeds bestaan tussen de standpunten van de verschillende partijen.’ Volgens Marghem zullen de komende onderhandelingen in Parijs ‘eveneens complex zijn’.

N-VA groener dan Groen?

Interessant is het standpunt van N-VA in die commissie.

Parlementslid An Capoen is van mening dat ons land ‘al grote inspanningen levert inzake het klimaat’, maar vindt dat het ‘nooit kwaad kan om ze nog meer op te drijven, aangezien ons land één van de landen is met de grootste ecologische voetafdruk ter wereld.’ N-VA in het kielzog van de groenen? Capoen haalt wel terecht een ander aspect aan: de bevoegdheidsverdeling inzake klimaat. ‘De tijd van het doorschuiven van de hete aardappel tussen de verschillende regeringen (in ons land) moet ook afgelopen zijn. (…) Wij moeten dan ook dringend werk maken van akkoorden tussen de verschillende overheden in ons land. Ik ben blij dat u (Marghem) daar werk zult van maken.’

Gedeeld takenpakket

Het klimaatdossier behoort in België immers tot een gedeeld takenpakket tussen de federale overheid en de gewesten. De federale overheid beschikt over belangrijke beleidsinstrumenten voor fiscaliteit en productbeleid. De gewesten zijn bevoegd voor het beleid rond rationeel energiegebruik (REG), hernieuwbare energie, milieuwetgeving en klimaataspecten in de domeinen mobiliteit, woonbeleid en landbouw. En dat maakt de zaken er niet makkelijker op.

MR is kritisch

De meest kritische vragen in het federale parlement over de klimaatconferenties vinden we uitgerekend bij de MR.

Eind 2013 stelde David Clarinval van die partij enkele pittige vragen over de klimaatconferentie van Warschau (COP19) die net daarvoor plaatsvond. Het parlementslid wilde weten door hoeveel personen België daar vertegenwoordigd werd en hoeveel de delegatie de Belgische begroting in totaal gekost heeft. Terechte vragen, uiteraard.

Volgens de regering is de Belgische delegatie ‘steeds samengesteld uit verschillende soorten vertegenwoordigers’. Ze bestaat uit experts afkomstig van de federale administraties en de gewesten. De bevoegde minister: ‘Zij zijn het die in naam van België de akkoorden onderhandelen.’ Verder vindt men er de vertegenwoordigers van de beleidscellen en de ministers zelf, die deelnemen aan het “High-level segment” van de COP, wanneer de politiek meest gevoelige beslissingen genomen worden. Ook neemt België traditioneel vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld (wetenschappers, parlementairen, ngo’s, vakbonden, werkgevers, et cetera) op in haar delegatie, met als doel ‘het bevorderen van de transparantie van de onderhandelingen’. De vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld zijn volgens de minister ‘gebonden aan een gedragscode’ en ‘alle kosten die gelinkt zijn aan hun deelname zijn vanzelfsprekend voor eigen rekening’.

Belgische delegatie: 62 personen

Volgens de regering bestond de Belgische delegatie in Warschau uit liefst tweeënzestig personen: drie ministers, zes attachés van de Belgische ambassade in Warschau (waaronder drie vertegenwoordigers van de gewesten), zeven vertegenwoordigers van de beleidscellen, twee federale parlementsleden, drieëntwintig (!) experts afkomstig van de verschillende administraties en éénentwintig vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld. We beginnen te begrijpen waarom er op COP21 in Frankrijk 20.000 mensen verwacht worden. Het gemiddelde per land ligt op 100 personen.

Kosten

Over de kosten bleef de bevoegde minister in het parlement zeer vaag. Hij kon jammer genoeg de vraag ‘slechts gedeeltelijk beantwoorden’ aangezien hij enkel over de gegevens beschikte van zijn eigen administratie. ‘Hiervoor bedroegen de totale kosten 58.548 euro, waarvan 34.024 euro voor hun transport (per trein vanuit Brussel voor het merendeel onder hen) en hun verblijf, alsook de reis en het verblijf van mijn kabinetsleden en mezelf en 24.523 euro voor de huur van infrastructuur die ter beschikking stond van de gehele Belgische delegatie.’ Deze kosten worden gedekt door de middelen van het fonds voor de financiering van het federale beleid ter reductie van de emissies van broeikasgassen (het Kyotofonds).

Kyotofonds

Dat fonds wordt gespijsd door de federale bijdrage op de elektriciteitsprijs. De federale bijdrage is een toeslag op de prijs per kWh. Ze geldt zowel voor particulieren als voor bedrijven. Een koninklijk besluit (KB) van 24 april 2012 beperkt de Kyoto-bijdrage voor dat jaar tot 7,6 miljoen euro. Tot dan bedroeg die bijdrage volgens Kluwer 25 miljoen per jaar. De kosten voor de deelname van de minister en zijn kabinetsleden werden dus (indirect) gedragen door de burgers en de bedrijven.

COP16 in Cancún

Niet verwonderlijk, de informatie over de kostprijs van de Belgische bijdrage aan de klimaatconferenties is weinig transparant, en bovendien erg versnipperd. Over de klimaatconferentie in Cancún konden we de volgende informatie terugvinden. Op federaal niveau ging 187.876,86 euro naar het financieren van de reis van dertien experts uit de administratie, tien externe experts en zeven leden van het logistieke ondersteuningsteam. Dat bedrag dekt de reis- en verblijfkosten (inclusief de dagvergoedingen, waarvan het bedrag bij koninklijk besluit is vastgelegd). Dat komt neer op een kostprijs per deelnemer van 6.262,56 euro!

Kosten voor deelname delegatieleden

De missie van de delegatieleden van het Vlaams Gewest werd begroot op 61.585 euro, inbegrepen vliegtuigticket, hotelkamer en dagvergoeding. De dagvergoeding hangt af van de bestemming maar kan oplopen tot meer dan 100 euro per ambtenaar.

Onderschatting

Maar er zijn nog extra kosten. Zo vonden we op een parlementair document de melding van een ‘ministeriële consultatie’ ter voorbereiding van de Conference of the Parties (COP-16) van de United Nations Framework Convention on Climate Change (UNFCCC) op 25 september 2010. Die voorbereiding ging uiteraard in het buitenland door.

Belgisch voorzitterschap van de Raad van de EU

Aangezien de top in Cancún plaatsvond onder het Belgische Voorzitterschap van de Raad van de EU, had België volgens politica Ann Brusseel bijkomende logistieke verplichtingen (vergaderlocatie, catering,…). Het totale bedrag dat België vastlegde voor de conferentie in Cancún was volgens haar liefst 917.058 euro. Voor alle kosten voor multilaterale milieuvergaderingen die het Belgisch Voorzitterschap van de EU diende te dragen (dus niet enkel voor Cancún, maar ook Nagoya en andere multilaterale milieuvergaderingen), werd voor de start van het voorzitterschap een verdeelsleutel onderhandeld. De verdeelsleutel is deze:

  • De federale overheid draagt 70 procent van de kosten.
  • De gewesten dragen 30 procent van de kosten. Niet verwonderlijk dragen de Vlamingen hiervan de grootste last. (Is het ooit anders geweest?)

Concreet

Concreet voor de Top in Cancún ziet de kostenverdeling er volgens Brusseel als volgt uit:

  • De federale overheid: 917.058 * 70 procent = 641.940,60 euro
  • De gewesten: 917.058 * 30 procent = 275.117,40 euro
    • Vlaams Gewest: 275.117,40 * 58 procent = 159.568,09 euro
    • Waals Gewest: 275.117,40 * 33 procent = 90.788,74 euro
    • Brussels Hoofdstedelijk Gewest: 275.117,40 * 9 procent = 24.760,57 euro

Britten

Over de conferentie in Lima (COP20) is op Belgisch niveau weinig informatie beschikbaar wat de kostprijs betreft. De Britse delegatie bij COP20 bestond uit slechts 36 mensen. De totale kostprijs voor die klimaatconferentie bedroeg volgens het antwoord van de Britse regering 275.424,40 pond (zowat 385.000 euro). Hiervan ging 70.011,57 pond naar de vluchten, 122.611 pond naar verblijf en 82.801,83 pond naar andere kosten (onder meer verplaatsingen in Peru). De kostprijs per delegatielid bedroeg 7.650,68 pond of 10.700 euro.

Hoteliers winnaars

Wie zijn de grote winnaars van dat jaarlijkse klimaatcircus? In een intern document van het European Economic and Social Committee (EESC-2014-00358-31-00-GB-TRA) lezen we dat daar bezorgdheid bestaat over de hoge kostprijs van de overnachtingen tijdens de jaarlijkse COP-conferenties (As for all COPs, hotel prices are extremely high due to exceptional demand.)

Het document biedt ons een unieke mogelijkheid om de exacte kostprijs per persoon af te leiden. Het European Economic and Social Committee (EESC) mocht drie personen afvaardigen naar de COP20 van Lima. De totale kostprijs voor een week Lima bedroeg liefst 29.572 euro. Dat is bijna 10.000 euro per persoon.

Dat de kosten de spuigaten uitlopen, zien we aan de post Miscellaneous meeting expenditure (Item 2542). Er wordt 3.000 euro uitgetrokken voor water en koffie (Drinks reception for side event participants, water and coffee). Dat dergelijke uitgave door de budgetcontrole raakt, zegt uiteraard alles over Europa.

COP21

Voor COP21 in Parijs is een speciale webstek opgezet:

www.cop21.b-network.com. Een hotelkamer in de buurt van de conferentie kost minstens 220 euro per persoon per nacht. Maar de meeste hotels gaan daar vlot boven. Kamerprijzen van 300 of 400 euro per persoon per overnachting zijn geen uitzonderingen. En veel deelnemers hebben waarschijnlijk nog niet eens gedacht aan hun verblijf. Eén ding is zeker: de grote winnaar van deze klimaatconferentie is de horeca. Met dank aan de Belgische belastingbetalers, uiteraard, voor wat een deel van de Belgische delegatie betreft.